Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
Original Verse:
1Johannes Chapter 3 Verse 20Want indien ons hart ons veroordeelt, God is meerder dan ons hart, en Hij kent alle dingen.

Reference Verses:
1Korinthiërs Chapter 4 Verse 4Want ik ben mijzelven van geen ding bewust; doch ik ben daardoor niet gerechtvaardigd; maar Die mij oordeelt, is de Heere.
1Korinthiërs Chapter 14 Verse 25En alzo worden de verborgene dingen zijns harten openbaar; en alzo, vallende op zijn aangezicht, zal hij God aanbidden, en verkondigen, dat God waarlijk onder u is.
Johannes Chapter 10 Verse 29Mijn Vader, die ze Mij gegeven heeft, is meerder dan allen; en niemand kan ze rukken uit de hand Mijns Vaders.
Johannes Chapter 10 Verse 30Ik en de Vader zijn een.
Psalmen Chapter 44 Verse 21Zo wij den Naam onzes Gods hadden vergeten, en onze handen tot een vreemden God uitgebreid.
Jeremia Chapter 17 Verse 10Ik, de HEERE, doorgrond het hart, en proef de nieren; en dat, om een iegelijk te geven naar zijn wegen, naar de vrucht zijner handelingen.
Jeremia Chapter 23 Verse 24Zou zich iemand in verborgene plaatsen kunnen verbergen, dat Ik hem niet zou zien? spreekt de HEERE; vervul Ik niet den hemel en de aarde? spreekt de HEERE.
1Johannes Chapter 4 Verse 4Kinderkens, gij zijt uit God, en hebt hen overwonnen; want Hij is meerder, Die in u is, dan die in de wereld is.
Psalmen Chapter 139 Verse 1-4 [1] Een psalm van David, voor den opperzangmeester. HEERE! Gij doorgrondt en kent mij. [2] Gij weet mijn zitten en mijn opstaan; Gij verstaat van verre mijn gedachten. [3] Gij omringt mijn gaan en mijn liggen; en Gij zijt al mijn wegen gewend. [4] Als er nog geen woord op mijn tong is, zie, HEERE! Gij weet het alles.
Job Chapter 27 Verse 6Aan mijn gerechtigheid zal ik vasthouden, en zal ze niet laten varen; mijn hart zal die niet versmaden van mijn dagen.
Psalmen Chapter 90 Verse 8Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke zonden in het licht Uws aanschijns.
Hebreeën Chapter 4 Verse 13En er is geen schepsel onzichtbaar voor Hem; maar alle dingen zijn naakt en geopend voor de ogen Desgenen, met Welken wij te doen hebben.
Openbaring Chapter 2 Verse 23En haar kinderen zal Ik door den dood ombrengen; en al de Gemeenten zullen weten, dat Ik het ben, Die nieren en harten onderzoek. En Ik zal ulieden geven een iegelijk naar uw werken.
Romeinen Chapter 2 Verse 14Want wanneer de heidenen, die de wet niet hebben, van nature de dingen doen, die der wet zijn, dezen, de wet niet hebbende, zijn zichzelven een wet;
Romeinen Chapter 2 Verse 15Als die betonen het werk der wet geschreven in hun harten, hun geweten medegetuigende, en de gedachten onder elkander hen beschuldigende, of ook ontschuldigende).
1Korinthiërs Chapter 14 Verse 24Maar indien zij allen profeteerden, en een ongelovige of ongeleerde inkwame, die wordt van allen overtuigd, en hij wordt van allen geoordeeld.
Titus Chapter 3 Verse 11Wetende, dat de zodanige verkeerd is, en zondigt, zijnde bij zichzelf veroordeeld.
Job Chapter 33 Verse 12Zie, hierin zijt gij niet rechtvaardig, antwoord ik u; want God is meerder dan een mens.
Hebreeën Chapter 6 Verse 13Want als God aan Abraham de belofte deed, dewijl Hij bij niemand, die meerder was, had te zweren, zo zwoer Hij bij Zichzelven,
Psalmen Chapter 44 Verse 20Hoewel Gij ons verpletterd hebt in een plaats der draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt.
Johannes Chapter 2 Verse 24Maar Jezus Zelf betrouwde hun Zichzelven niet, omdat Hij hen allen kende,
Johannes Chapter 2 Verse 25En omdat Hij niet van node had, dat iemand getuigen zou van den mens; want Hij Zelf wist, wat in den mens was.
Johannes Chapter 21 Verse 17Hij zeide tot hem ten derden maal: Simon, zoon van Jonas, hebt gij Mij lief? Petrus werd bedroefd, omdat Hij ten derden maal tot hem zeide: Hebt gij Mij lief, en zeide tot Hem: Heere! Gij weet alle dingen, Gij weet, dat ik U liefheb. Jezus zeide tot hem: Weid Mijn schapen.
Johannes Chapter 8 Verse 9Maar zij, dit horende, en van hun geweten overtuigd zijnde, gingen uit, de een na den andere, beginnende van de oudsten tot de laatsten; en Jezus werd alleen gelaten; en de vrouw in het midden staande.
Handelingen Chapter 5 Verse 33Als zij nu dit hoorden, barstte hun het hart, en zij hielden raad, om hen te doden.