Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Zonder inhoud en zonder vrucht

Jaargang: 
1
Datum: 
25 apr. 2007
Nummer: 
16
Schrijver: 
P. van Gurp
ID:
79

En indien Christus niet is opgewekt, dan is immers onze prediking zonder inhoud, en zonder inhoud is ook uw geloof. Dan blijken wij ook valse getuigen van God te zijn want dan hebben wij tegen God in getuigd, dat Hij de Christus opgewekt heeft, Die Hij toch niet heeft opgewekt, indien er geen doden opgewekt worden. Immers, indien er geen doden opgewekt worden; dan is Christus ook niet opgewekt; en indien Christus niet is opgewekt, dan is uw geloof zonder vrucht, dan zijt gij nog in uw zonden.1 Korintiërs 15:14-17
De apostel vervolgt nu zijn evangelie van de opstanding van de Here Jezus Christus met uiteen te zetten, wat het funeste gevolg is van de dwaalleer uit zijn dagen, als zou er geen opstanding van de doden zijn. We hebben de vorige keer gezien, dat dat ook vandaag gepredikt wordt.
De Schrift laat u zien, wat er op het spel staat, wanneer zo'n dwaalleer wordt geloofd. Want het is hier: alles of niets. Of we moeten geheel en al geloven in de opstanding van Christus en de opstanding der doden ook - of we houden niets over.
Hoort u maar: als Christus niet is opgewekt, dan is de prediking ijdel, zonder inhoud; en: ijdel is ook uw geloof, dat is: zonder inhoud.
De prediking ijdel, zonder inhoud. Want er is geen prediking van Christus denkbaar, wanneer Hij niet is opgestaan. Petrus zegt dan ook meteen op Pinksteren, dat hij predikt de opgestane Christus. De steen, die door de bouwlieden was verworpen, die is geworden tot een hoeksteen.
Immers Christus is overgegeven vanwege onze zonden - Hij is opgewekt vanwege onze rechtvaardiging, die Hij nu bewerken gaat door Zijn Geest.
Wat baat het u dat gij dit alles gelooft? Dat ik in Christus voor God rechtvaardig ben en een erfgenaam van het eeuwige leven.
Zonder Christus' opstanding is er geen rechtvaardiging.
Rechtvaardiging betekent dat de HEERE ons rekent alsof wij geen enkele zonde hebben gehad of gedaan. En verder rekent de HEERE ons ook alsof wij alles hebben voldaan wat de HEERE van ons vraagt. Het betekent dat het goed is tussen de HEERE en ons, dat wij voor Hem niet bang hoeven te zijn, dat wij eens voor de rechterstoel van Christus zonder verschrikken mogen verschijnen. Het betekent de vervulling van het paradijs, toen de mens wandelde met de HEERE. Het is onze toekomst: eens bij de HEERE mogen wonen op de nieuwe aarde, wandelen in zijn heerlijkheid, zijn aangezicht zien.
Dat alles hangt af van de opstanding van de Here Jezus Christus. Want niemand kan uit zichzelf tot God komen. Niemand komt tot de Vader, zo heeft Christus ons geleerd, tenzij de Vader hem trekke. Het Grieks gebruikt daar een woord dat eigenlijk betekent: slepen. Het moet voor honderd procent van de HEERE komen!
Maar zonder die opstanding is de prediking ijdel, zonder inhoud. Ja zelfs, zegt Paulus, dan zijn wij niet minder dan godslasteraars. Dan hebben wij tegen God in getuigd. En getuigd hebben de apostelen! Nog in het begin van ditzelfde hoofdstuk heeft Paulus getuigd van al die mensen aan wie Christus na zijn opstanding is verschenen: Petrus, de twaalven, vijfhonderd broeders op eenmaal en Jakobus, aan de apostelen, aan Paulus zelf.
Als er geen opstanding der doden is, dan is heel de christelijke prediking één grote leugen. De kansels zijn dan leerstoelen van de duivel, openbaringen van de synagoge van de satan. Er is geen compromis mogelijk. Het is alles of niets. Geen opstanding der doden? Dan ook geen christelijke prediking.
En dat geldt niet alleen van de prediking. Ook van uw geloof moet dan gezegd worden: het is ijdel, zonder inhoud. Het is bedrog. Er is geen verzoening met God. Er is geen genade voor een zondaar. De dood is niet overwonnen. Hij die het geweld van de dood had, is niet teniet gedaan. We zijn dan nog in de macht van de duivel. Alles is voor niets.
Verder moet dan van uw geloof worden gezegd: het is tevergeefs.
Niet alleen ijdel, ook tevergeefs. Niet alleen zonder inhoud. Ook zonder vrucht. Immers, als tweede vrucht van de opstanding noemen wij de heiligmaking.
Dat belijden wij als volgt: Wat nut u de opstanding van Christus? Dat ik door de kracht van Zijn opstanding word opgewekt tot een nieuw leven.
Wij ontvangen dan de Heilige Geest, de Geest van Christus, Die ons toe-eigent wat wij in Christus hebben, namelijk de afwassing van de zonden en de opstanding in een nieuw leven.
Immers, dat betekent die tweede uitdrukking, naast: ‘Hij is opgestaan uit de doden’: Hij is opgewekt door de Vader. Als loon op Zijn offer. Als betuiging dat het offer volmaakt genoegzaam was.
Zijn loon is: mensen. De Vader heeft ze Hem gegeven.
Hij heeft voor hen betaald. Zij zijn daarom ook zijn eigendom en Hij bewaart hen ook als zijn eigendom, zoals wij dat belijden in Zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus.
Dat bewaren betekent dat Hij hen nieuw gaat maken. Nu al, elke dag weer. En het houdt verder in dat alles in ons leven door Hem zo wordt bestuurd, dat Hij daardoor ons geeft wat wij nodig hebben om Hem te dienen.
Van de opstanding van de Here Jezus Christus hangt dan ook onze enige troost in leven en sterven af.
Ziet u wat er op het spel staat wanneer de opstanding van de doden wordt ontkend. Want als ook Christus niet is opgewekt - dan is die kracht er ook niet in mijn leven. Dan ben ik ook niet opgewekt tot een nieuw leven. Dan ben ik nog in de heerschappij van de duivel. Dan ben ik nog in mijn zonde verloren. Dan mis ik de enige troost.
Dat alles is het gevolg van die verschrikkelijke dwaalleer, dat er geen opstanding der doden zou zijn.
Dan is alles tevergeefs. Dan is er geen geloofsvrucht
Het is heel beslist het een of het ander. Tolerantie, verdraagzaamheid is hier niet mogelijk. Een compromis is er niet. Er behoeft beslist niet over te worden gestudeerd en gepraat. Want het is bij Christus alles of niets. En het is bij Hem: ALLES.
Wat een troost: Christus IS opgewekt. Daarom is ons geloof niet ijdel. Nee, het heeft inhoud, het heeft vrucht. Want nu mogen we weten dat ook wij door de kracht van Christus worden opgewekt tot een nieuw leven.
We mogen weten dat Christus ons de gerechtigheid, die Hij door Zijn dood ons verworven had, deelachtig maakt.
We mogen verwachten de zalige opstanding. Ja, wij mogen nu in dit leven al opstaan uit de dood.