Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Op weg naar Pasen (12)

Jaargang: 
1
Datum: 
11 apr. 2007
Nummer: 
14
Schrijver: 
Martine Sikkens
ID:
68
Rubriek: 


Voor het graf staan twee soldaten op wacht. Ze kijken goed om zich heen, er mag niemand bij het graf komen om het lichaam van de Here Jezus te stelen. Plotseling begint de aarde te schudden en te beven. De soldaten schrikken ervan. Vanuit de lucht komt een man in blinkende witte kleren bij het graf. Hij rolt de steen weg en gaat erop zitten. De soldaten weten niet wat ze zien! Ze gaan er snel vandoor, dit is wel zo iets wonderlijks!

De drie vrouwen

Ondertussen zijn drie vrouwen op weg naar het graf, ze heten Maria van Magdala, Salomé en Maria. Het is zondagmorgen, gisteren was het de sabbat en dan mogen de Israëlieten niet werken. Vandaag zijn ze opgestaan en hebben kruiden meegenomen. Ze willen die bij het dode lichaam van de Here Jezus leggen. Als ze bij het graf komen zien ze dat de steen is weggerold. Wie heeft dat gedaan? Maria van Magdala rent gelijk weg, terug naar Jeruzalem.
De andere twee vrouwen lopen verder en zien de engel zitten op de grote steen. De engel zegt; ‘Wees niet bang; u zoekt Jezus, die gekruisigd is? Hij is hier niet; Hij is opgestaan. Kijk, hier heeft Hij gelegen. De Here heeft toch Zelf tegen u gezegd dat Hij zou worden gekruisigd, en op de derde dag weer op zou staan uit de dood! Ga naar de discipelen en vertel hen dat Jezus is opgestaan!’
Ze lopen terug naar huis en onderweg horen ze een bekende stem, het is de stem van de Here Jezus. ‘Vrede zij u’ zegt Hij. De vrouwen knielen voor Hem neer. De Here Jezus heeft nu een opstandingslichaam. Hij zal nu nooit meer sterven! Met dit lichaam kan Hij plotseling komen en weer weggaan.

De discipelen

De vrouwen lopen door en vertellen het verhaal aan de discipelen. Deze geloven het niet, hoe kan dat nou? Hij is gestorven, ze hebben het zelf gezien. Maria van Magdala is al naar Petrus en Johannes gegaan. ‘Ze hebben de Here Jezus gestolen’ zegt ze. En twee discipelen gaan gelijk op weg, ze willen het met eigen ogen zien. Johannes is als eerste bij het graf. Hij kijkt in het graf en ziet alleen de doeken, die ze om het lichaam hadden gedaan, liggen. Ook Petrus ziet alleen de doeken die netjes opgevouwen liggen. Als de Here Jezus is gestolen zouden de doeken er toch niet meer liggen? Zou het toch waar zijn wat Jezus zei, zou Hij opgestaan zijn?
Eén van de vrouwen gaat ook naar het graf terug en kijkt in het graf. Ze ziet dat het leeg is. Dan ziet ze iemand in de tuin lopen die aan haar vraagt: Waarom huilt u zo? Maria denkt dat het de tuinman is en vertelt dat ze de Here Jezus zoekt. Ze vraagt ‘Als U het lichaam ergens anders hebt neergelegd wilt U dan zeggen waar het is, ik wil het zo graag zien’. De man zegt: ‘Maria!’ En dan ziet Maria dat het de tuinman niet is, maar dat het de Here zelf is. Ze knielt neer en wil zijn voeten vastpakken zodat Hij nooit weer weg kan gaan. Maar de Here Jezus zegt: ‘Houd Me niet vast, want Ik ben nog niet teruggegaan naar de hemel. Eenmaal zal Ik naar de hemel gaan, waar Mijn Vader woont’.

De Emmaüsgangers en Thomas

Twee mannen lopen van Jeruzalem naar Emmaüs. Ze praten over het lijden en sterven van de Here. Ze zijn erg verdrietig. Opeens loopt er een Man met hun mee. Ze weten niet wie het is en vertellen wat er gebeurd is met hun Here Jezus. Als ze thuis zijn vragen ze deze vreemde Man mee te eten. Als ze aan het eten zijn breekt deze Man het brood en dan pas zie ze Wie het is. Het is de Here Jezus! En gelijk is Hij weer weg. Ze zijn sprakeloos. Ze hebben Jezus gezien! Hij was dood maar nu leeft Hij weer!
Later, op de zondag, verschijnt de Here Jezus bij de discipelen. Hij is plotseling bij hen en is ook zomaar weer weg. De discipelen geloven het nu ook. Alleen Thomas nog niet, die was er niet bij. Thomas hoort de verhalen van de anderen maar zegt: ‘Ik geloof het pas als ik de wonden in zijn handen en in zijn zij kan zien en voelen.’ Een week later, wéér op een zondag, is de Here Jezus weer bij de discipelen. Hij zegt tegen Thomas dat hij mag voelen aan Zijn handen en in Zijn zij. Nu gelooft Thomas het pas, hij weet dat de Here is opgestaan. De Here Jezus zegt dan: ‘Zalig de mensen die het niet hebben gezien en toch geloven!’

Belofte

Daar horen wij ook bij. Jij en ik hebben de Here Jezus nooit gezien, toch geloven we in Hem. We weten dat Hij is gestorven voor onze zonden maar dat Hij ook weer is opgestaan. Hij heeft de dood overwonnen. Hij heeft gewonnen van de duivel. De duivel die al vanaf het begin alles wil kapot maken. Maar het is hem niet gelukt want Christus heeft gewonnen! Wij zullen nog wel sterven, zoals ieder mens. Je mag bij het sterven weten dat je bij de Here in de hemel mag komen. Het kan ook zijn dat de Here Jezus eerder terug komt, dan zal Hij ons meenemen naar de nieuwe hemel en aarde. Wat een mooie belofte!

Puzzel: Vul de antwoorden in. Zet de goede letter beneden in de oplossingsbalk.
1 De Zoon van God. _ _ _ _ _ _ _ _ _ (5e letter)
2 Hoe heet het als de aarde trilt? _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ (6e letter)
3 Vroegere hoofdstad van Israël. _ _ _ _ _ _ _ _ _(5e letter)
4 1 van discipelen die naar het graf rent. _ _ _ _ _ _(5e letter)
5 Discipel die opstanding niet geloofde. _ _ _ _ _ _(6e letter)
6 De eigenaar van de tuin. Jozef van....... _ _ _ _ _ _ _ _ (3e letter)
7 De Here stierf aan het ......... _ _ _ _ _(5e letter)
8 Wie stonden op wacht? _ _ _ _ _ _ _ _ (2e letter)
9 De naam van de stadhouder. _ _ _ _ _ _ _ (1e letter)
10 De berg waar het kruis op stond. _ _ _ _ _ _ _ _(4e letter)
11 Na hoeveel dagen stond Jezus op? _ _ _ _ (4e letter)
12 Voor het graf stond een......... _ _ _ _ _(1e letter)
13 Naam van eerste bijbelboek. (NT) _ _ _ _ _ _ _(4e letter)
14 Hoe heette de zondag vroeger? _ _ _ _ _ _ (2e letter)
15 1 van de vrouwen die naar het graf ging? _ _ _ _ _(5e letter)
16 Knechten van God in de hemel. _ _ _ _ _ _ _(2e letter)

Dit is het laatste verhaal van de serie ‘Op weg naar Pasen’. Ik hoop dat je er veel van geleerd hebt en dat je het leuk vond om de puzzels te maken. Je weet nu waarom we het paasfeest vieren, en waarom het nodig was dat de Here Jezus voor onze zonden is gestorven.
Vanaf de volgende keer hoop ik te gaan schrijven over de wet van de Here. Lees jij de volgende verhalen ook weer? Tot de volgende keer.