Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Aan de voet van het kruis

Jaargang: 
2
Datum: 
19 mrt. 2008
Nummer: 
11
Schrijver: 
Annie van der Linden
ID:
261

We leven weer naar Goede Vrijdag toe. Ook dit jaar gedenken we het lijden en sterven van Christus. Natuurlijk doen we dit niet alleen op Goede Vrijdag. De verlossing van Christus is immers de rode draad in het evangelie? Maar, mag ik je eens wat persoonlijks vragen? Hoe luister jij naar de preek op Goede Vrijdag? Gaat de boodschap langs je heen omdat je hem al zo vaak gehoord hebt? Of ben je vol ontzag en dankbaarheid als je weer beseft wat Christus voor je gedaan heeft? Loop je langs het kruis of blijf je staan aan de voet van het kruis?

De toorn van God

    Christus heeft heel de tijd van zijn leven op aarde, maar vooral aan het einde daarvan, de toorn van God tegen de zonde van het hele menselijke geslacht aan lichaam en ziel gedragen. (Zondag 15, antw.37)

Met de Catechismus belijden we het al in de eerste zondag over het lijden en sterven van Christus. Christus droeg de last van Gods toorn. Gods toorn over de zonden van de hele mensheid. In Adam hebben we allemaal gezondigd en we maken onze schuld tegenover God elke dag groter. Beseffen we dat ook wij Gods toorn verdienen? Dat er een vloek ligt op jou, op mij? God zelf heeft in zijn woord gezegd:

    Vervloekt is een ieder die zich niet houdt aan alles wat geschreven is in het boek der wet om dat te doen (Gal 3:10)

Wij staan schuldig, bedekt met zonden voor Gods aangezicht. Elke zonde, hoe klein wij die ook vinden, wekt Gods toorn op. Hij wil en kan de zonde niet ongestraft laten. Nee, dan kun je niet voorbijgaan aan het kruis. Dan moet je blijven staan. Je hebt iemand nodig die de toorn van God voor je draagt. Die de vloek die op je ligt wegneemt. Geen schepsel kan de toorn van God dragen of de vloek wegnemen. Zo lezen we in Nahum 1:6:

    Wie kan standhouden voor zijn gramschap? Wie staande blijven bij zijn brandende toorn?

Je hebt een Verlosser nodig! En die kwam er, want:

    Alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.(Joh.3:16)

De toorn gedragen

De toorn moet gedragen worden. Dat deed de Christus voor ons. Door God de Vader aangesteld en met de Heilige Geest gezalfd tot Profeet, Hogepriester en Koning. Als Hogepriester droeg Hij de toorn van God tegen de zonden. Hij deed dat door zijn dood aan het kruis. Wie de kruisdood stierf, was door God vervloekt. We lezen dat in Deut. 21: 23:

    want een gehangene is door God vervloekt

en ook in Galaten 3 waar Paulus teruggrijpt op deze tekst uit Deuteronomium.

    Want er staat geschreven: Vervloekt is een ieder, die aan het hout hangt. (Gal.3:13)

De vloek die op ons lag, heeft Christus op zich geladen. Hij werd door God vervloekt zodat wij van die vloek vrijgesproken zouden worden. Terwijl Jezus lijdt aan het kruis, wordt het donker. Zomaar, midden op de dag. De straf van God op de zonde betekende een leven zonder God. Door God verlaten. Jezus neemt de straf hier op zich en wordt door God, zijn eigen Vader, verlaten zodat wij nooit meer door Hem verlaten zouden worden. Na drie uren dikke duisternis roept Jezus het uit aan het kruis:

    Eloï, Eloï, lama, sabachtani, hetgeen betekent: Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? (Marcus 15:34)

Door deze woorden uit te roepen aan het kruis, spreekt Jezus heel duidelijk psalm 22 na. We kunnen dit kruiswoord dan ook niet los zien van psalm 22. Het is de vervulling van een profetisch psalmwoord eens door David geschreven. Ook in het diepst van zijn lijden is Christus nog vol van de Heilige Schrift en vervuld Hij de schriftwoorden. Je staat daar, aan de voet van het kruis. Je hebt verlossing nodig, je ziet hoe Christus de toorn van God op zich neemt en je beseft:

    Om onze overtredingen werd Hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door zijn striemen is ons genezing geworden. (Jes. 53:5)

Dan klinkt daar Jezus stem nog eenmaal: Het is volbracht. De Gezalfde, heeft zijn offer gebracht. De toorn van God is gedragen, de vloek weggenomen. Wat een grootse verlossing!

Dankbaarheid

Wat een genade geeft God ons door de verlossing van Christus. Hij droeg Gods toorn in onze plaats. We krijgen vrijspraak van de zonden zonder enige verdienste van onze kant. Maar Christus genade omvat nog meer. De genade heeft twee kanten. De eerste hebben we gezien in de voorgaande alinea’s. Christus kocht ons met zijn bloed. De tweede kant is net zo belangrijk. Christus wil ons vernieuwen door zijn Geest zodat we steeds meer uit dankbaarheid gaan leven. Vergeving en vernieuwing horen onlosmakelijk bij elkaar. De vernieuwing door de Geest moet in ons leven een uitwerking hebben. Lees maar mee in de catechismus:

    Opdat wij met ons hele leven tonen, dat wij God dankbaar zijn voor zijn weldaden en opdat Hij door ons geprezen wordt.

Daarom moeten wij ook nog goede werken doen. Zijn in jouw leven de vruchten van dankbaarheid al zichtbaar?

Laten we nooit genoeg krijgen van de boodschap die Goede Vrijdag ons brengt. Als we de rijke boodschap van Goede Vrijdag begrijpen, mogen we nu al zien op de opgestane en opgevaren Heiland. Want, geen graf hield Davids Zoon omknelt, Hij overwon, die sterke Held. Het is Pasen geworden!

Ongeloof

Ja, Christus is opgestaan en heeft daarmee de dood overwonnen. Wat een heerlijke boodschap op die paasmorgen. Maar wacht eens even, een opstanding der doden? Kom nou, wie gelooft daar nu nog in. Dat kan toch helemaal niet? Enkele opmerkingen die je zomaar te horen kunt krijgen. Ook de discipelen konden het niet geloven toen de vrouwen met de boodschap kwamen dat Jezus leefde. Kijk maar eens in Lucas 24:11, daar lezen we:

    En deze woorden schenen hun zotteklap en zij geloofden haar niet.

De discipelen hielden geen rekening met de opstanding en dat terwijl Jezus het zo vaak aangekondigd had. Pas als de Here aan hen verschenen is en hen op allerlei manieren heeft laten zien dat Hij het echt is, geloven ze. Wij hebben het hele evangelie in ons Bijbeltje. Daarin kunnen we lezen over de verschijningen van Jezus na zijn opstanding. Velen hebben Jezus nog gezien. Paulus getuigt hiervan in zijn brief aan de gemeente te Korinthe. Ja, daarmee blijft de opstanding een feit dat boven ons begrip gaat, maar ook voor ons geldt op dit punt:

    Zalig zij, die niet gezien hebben en toch geloven. (Joh.24:29)

Vaak denken we dat de discipelen het maar makkelijk hadden omdat ze zo dicht bij Jezus leefden. Jezus laat ons zien, dat het zien alléén niet genoeg is. Nadat Jezus aan zijn discipelen is verschenen,

    opende Hij hun verstand zodat zij de Schriften begrepen. (Luc 24: 45)

Ze moesten gaan zien dat de opstanding niet zomaar een feit was maar de vervulling van alles wat over Hem geschreven stond in de wet van Mozes en de Profeten en de psalmen. Ze moesten Jezus leren kennen uit de Schrift en Hem op zijn woord geloven. Ook wij moeten dat eerst leren. Pas dan kunnen we Pasen echt meevieren.

Krachtig

Paulus schrijft in zijn eerste brief aan de gemeente van Korinthe een prachtige rede over de opstanding. Lees het maar eens na in hoofdstuk 15, het is de moeite waard. Ook in Paulus’ tijd waren er mensen die niet (meer) in de opstanding der doden geloofden.
Paulus gaat hier tegenin, rustig weerlegt hij deze dwaling. Want zo zegt Hij:

    Indien er dan geen opstanding der doden is, dan is ook Christus niet opgewekt. (1 Cor 15:13)

Zonder opstanding heeft ons geloof geen inhoud meer. Dat Christus de dood heeft overwonnen, is de kern van het evangelie. Paulus jubelt het als het ware uit:

    Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden. (1 Cor 15:20)

Elke zondag mogen we dat weer vieren. De paasboodschap is een krachtige boodschap. Het geeft ons de kracht om met Paulus te zeggen:

    Dood, waar is uw overwinning? Dood, waar is uw prikkel?

omdat God ons in Christus de overwinning geeft.

Waardevol

De opstanding van Christus, we vieren het elke zondag. Maar, wat is voor ons de waarde van de opstanding? Anders gezegd: wat hebben wij er nu eigenlijk aan? De waarde van Christus’ opstanding wordt mooi omschreven in de Catechismus, vraag en antwoord 45. Christus heeft de dood overwonnen. Waarom deed Hij dat? Hij deed dat allereerst tot onze rechtvaardigmaking. Een moeilijk woord. Weet je wat het inhoudt? Christus pleit bij de Vader voor ons. Hij doet dat op grond van zijn offer dat Hij bracht aan het kruis. Hij droeg daar de toorn van God en de vloek die op ons lag zoals we zagen in het vorige artikel. Hij zorgt er ook voor dat wij kunnen geloven. Hij doet dit door zijn Heilige Geest.
We maken in Christus deel uit van de overwinning. Ja, God rekent ons die toe, alsof we zelf alle gehoorzaamheid volbracht hebben. Heeft dat gevolgen voor jouw leven van elke dag? Verander je werkelijk door deze genade? Zijn we bereid steeds meer naar Gods wil te gaan leven? Zelf hebben we daar de kracht niet voor. Christus is onze kracht. We moeten daarbij wel een actieve houding aannemen. Biddend om de werking van de Heilige Geest. Dan gaan we met Zijn kracht een nieuw leven leiden. Door de opstanding van Christus weten we zeker dat ook wij eens zullen opstaan in heerlijkheid. We grijpen weer terug naar de brief van Paulus. We lezen daar:

    want de bazuin zal klinken en de doden zullen onvergankelijk opgewekt worden en wij zullen veranderd worden. (1 Korinthe 15:52)

Ja, de opstanding van Christus is waardevol voor jou, voor mij, voor alle gelovigen. Het is goed om hier telkens weer aan herinnerd te worden, om zo met vreugde en dankbaarheid het feest van Pasen mee te vieren.

Gelijk mij de vader zond

Al vroeg op Paasmorgen hebben de hemelse boodschappers een boodschap voor de vrouwen. We lezen deze boodschap in Mattheus 28:7. Daar staat:

    En gaat terstond op weg en zegt zijn discipelen, dat Hij is opgewekt uit de doden.

Later horen we het ook Jezus zeggen tegen zijn discipelen. Hij zegt:

    Gelijk de Vader Mij gezonden heeft, zend Ik ook u. (Joh.20:21)

Ook voor ons ligt hier een boodschap weggelegd. Ook wij moeten het Paasevangelie verkondigen aan wie het maar wil horen. Vertellen aan de mensen dat Jezus leeft. Juist in deze tijd wanneer de mensen met Pasen niet veel verder komen dan de paashaas en eieren. We dragen de naam christenen en dat houdt ook in dat we als profeet Zijn naam zullen belijden. Niet alleen door woorden kan je de naaste voor God winnen, het moet ook te zien zijn aan je levenswandel dat je de Paasvorst kent.

We mochten de rijkdom van Goede Vrijdag en Pasen weer zien. Wat een genade aan ons gegeven. Iets om dankbaar voor te zijn. Laten we daarom meejuichen met psalm 146:1 uit de oude berijming:

    Prijst de Heer met blijde galmen, Gij mijn ziel hebt rijke stof.

Ja, rijke stof. Een rijke boodschap van Gods verlossing door zijn zoon Jezus Christus.