Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Het uur van de verzoeking

Jaargang: 
4
Datum: 
11 aug. 2010
Nummer: 
28
Schrijver: 
Annie van der Linden
ID:
699

In de beginne schiep God de hemel en de aarde. Woorden die we terugvinden aan het begin van onze bijbel, Gods woord. In zes dagen schiep God alles wat er bestaat en

    zie het was zeer goed

Toch brak er een strijd uit in de hemelse gewesten. De satan komt in opstand en met hem vele engelen. Je hebt je vast weleens afgevraagd wat de oorzaak was van deze opstand en op welke manier de engelen zijn gevallen. Calvijn schrijft hierover in de Institutie dat deze vragen niet belangrijk zijn. Alles wat we moeten weten over de satan staat in de bijbel. Nee, dan krijgen we geen volledig antwoord op onze nieuwsgierige vragen over het ontstaan van de satan. Maar we lezen er wel over zijn listen, zijn manier van werken, zijn invloed en kracht. Het is van levensbelang dat we daar ook vandaag de dag aandacht aan geven en leren van wat de bijbel ons te vertellen heeft.



Het begin van de strijd

Als de satan de strijd in de hemelse gewesten heeft verloren, verplaatst hij zijn werkterrein naar de aarde. De wereld moet zijn koninkrijk worden. De mens, als kroon van Gods schepping, wil hij daarbij als onderdaan. En het lijkt te lukken. Adam en Eva eten beide van de boom en worden daarmee slaaf van de zonde, van de satan. Is de satan dan toch aan de winnende hand? Nee, want daar klinkt de moederbelofte als een oorlogsverklaring aan de duivel:

    En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen. (Gen.3:15)

De Verlosser wordt beloofd, in Hem ligt de overwinning van het zaad van de vrouw vast. Maar er zal gestreden moeten worden en dat zal niet vanzelf gaan. Ook de satan zal succes hebben, de hiel zal immers vermorzeld worden. Maar het zaad van de vrouw zal overwinnen.

    De God nu des vredes zal weldra de satan onder uw voeten vertreden. (Rom.16:20)

De boze

In het Oude Testament komen we de satan regelmatig tegen. Zo zagen we hem al in het paradijs waar hij Eva verleidde tot het eten van de boom. Satan, zijn naam betekent tegenstander. Hij probeert altijd de mensen tot zonde te verleiden. Hij klaagt de mens aan bij de HERE en de HERE bij de mensen. Deze rol zien we hem onder andere bekleden in een visioen van de profeet Zacharia (3:1). De hogepriester Jozua staat daar voor de Engel des HEREN, zijn klederen zijn vuil. De satan staat aan zijn rechterhand klaar om Jozua te beschuldigen. Dan horen we de stem van de Engel des HEREN. Satan moet zwijgen. De HERE heeft Israël verkozen als zijn volk en voor de zonden zal betaald worden door de Zoon van David.
Naast satan kennen we ook het woord duivel. Duivel komt van het griekse woord diabolos. Dit woord betekent beschuldigen, lasteren, aanklagen. Dat is wat de satan het liefst doet, door middel van lasteren en aanklagen de relatie tussen God en mensen kapot maken. Mensen in verwarring brengen. We lezen daarover ook in artikel 12 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. De duivelen en boze geesten loeren als moordenaars op de kerk en haar leden om alles door hun bedriegerijen te vernielen en te verwoesten. We vinden in de bijbel ook meerdere omschrijvingen voor de duivel. Zo lezen we over hem als de verzoeker (Matt.4:3), de mensenmoorder van de beginne en de vader der leugen(Joh.8:44). Deze namen spreken voor zich en laten zien wie de satan is en hoe hij te werk gaat.

Duivelswerk

Nu we hebben gezien wie de satan, tegenstander, is, willen we gaan kijken naar zijn werk. In de omschrijvingen zagen we al een klein gedeelte van zijn werk. Maar er is zoveel meer. Sommige dingen kunnen we heel duidelijk aanwijzen als zijnde van de duivelswerk. Hekserij of occultisme bijvoorbeeld. Daarbij willen we maar het liefst ver vandaan blijven. Toch is de grens tussen het koninkrijk van God en het koninkrijk van de afgrond vaak moeilijk zichtbaar. Omdat de duivel graag en vaak God na-aapt is het niet altijd duidelijk of iets bij het koninkrijk van God of het rijk van de satan hoort. Ja, we lezen zelfs in de bijbel dat de satan, in zijn duivelswerk, zich voor kan doen als een engel des lichts. Maar ook al is de grens niet altijd even zichtbaar, de grens blijft er wel. En de grens is scherp.
Er moet gekozen worden tussen de ene koning of de andere Koning. Er is geen stuk niemandsland. Veel mensen worden op het terrein van de satan geboren. Hij hoeft ze dan alleen nog maar vast te houden. Voor de grote massa is dat niet heel moeilijk. Deze mensen zijn tevreden met hun bestaan, zijn niet nieuwsgierig naar occulte ervaringen, vinden het christendom achterhaald en zijn ervan overtuigd dat er geen leven is na de dood. Hier hoeft de duivel niet heel actief te zijn. Juist rust is belangrijk, mensen in de waan laten dat ze goed zitten. De tijd is daarbij ook belangrijk. De mensen moeten het leven door de vingers laten glippen. Hun tijd moet worden opgeslokt met allerlei onbelangrijke dingen zoals televisie kijken of surfen op internet. De satan is overal aanwezig en ligt overal op de loer. Ook voor jou, voor mij. We zien dat in de gelijkenis van de zaaier. Het zaad van het Woord kan zomaar weggepikt of verstikt worden. Juist omdat je een kind van God mag zijn, kunnen de aanvallen op je geloof heftig zijn. Daarom is het belangrijk dat we Gods Woord nemen als richtsnoer is ons leven. Dat we hem bidden om zijn Geest, dat we veel in zijn Woord lezen. Alleen zo kunnen we leren hoe we ons kunnen wapenen en moeten strijden tegen de boze machten.
Telkens weer je leven naast de bijbel leggen. Ga ik verantwoord om met mijn tijd, maak ik de juiste keuzes? Keuzes bijvoorbeeld op het gebied van muziek en vrije tijdsbesteding. Dan vind je niet altijd een pasklaar antwoord in de bijbel, maar wel de juiste richting. En dan kun je je doen en laten wel toetsen. Toetsen aan Gods wil, die Hij geopenbaard heeft.

Verzoeking en beproeving

We willen nu in het bijzonder even stilstaan bij de verzoeking en beproeving. Het verschil tussen verzoeking en beproeving zul je vast wel kennen. Verzoeking komt van de duivel en beproeving van de HERE. Bij een beproeving is de duivel altijd aanwezig en probeert er een verzoeking van te maken. Andersom is een verzoeking ook een beproeving. Als de Here toestaat dat de satan ons verzoekt, ligt daarin een beproeving van ons geloof. De HERE wil zien of we standvastig zijn en niet toegeven aan de verleiding in de verzoeking. We zien dat duidelijk in de geschiedenis van Job. De HERE stelde het geloof van Job op de proef. De HERE beproeft met als doel het geloof van Job te versterken. We zien dan dat de duivel onmiddellijk van deze gelegenheid gebruikt maakt. Het is zijn bedoeling dat Job zijn geloof, en daarmee zijn God, openlijk vaarwel zegt. De satan verzoekt. We zien in deze geschiedenis dat de HERE Job overgeeft aan de satan. Satan mag doen wat hij wil. Hij kan daarbij alleen niet verder gaan dan de grens die God gesteld heeft. We zien dus dat de HERE kan toestaan dat de satan ons verzoekt.

Leid ons niet in verzoeking

De zesde bede van het Onze Vader kennen we allemaal.

    en leid ons niet in verzoeking maar verlos ons van de boze.

Waar bidden we hier precies om? We zagen al dat God ons kan beproeven maar verzoekt God ons dan tot zonden? Nee, Jacobus is daar in zijn brief heel duidelijk over:

    laat niemand, als hij verzocht wordt, zeggen: Ik word van Godswege verzocht. Want God kan door het kwade niet verzocht worden en Hij zelf brengt ook niemand in verzoeking.(Jac.1:13)

Waarom bidden wij dan toch of God ons niet in verzoeking wil leiden? Met deze bede vragen wij de HERE of Hij ons niet los wil laten zodat we niet in de strik van de boze zullen vallen. Zondag 52 verwoord dat heel mooi. Lees deze er maar eens over. Wanneer je aan de verleiding van de verzoeking toegeeft dan doe je zondig. Dit zien we ook wanneer Christus verzocht wordt in de woestijn. Wij lezen in Marcus 1:13 dat Christus veertig dagen verzocht werd in de woestijn. Toch liet Hij zich niet verleiden tot zonde. Een verzoeking kan een verleiding worden, maar dat is de fout van de zondige mens. De mens maakt de verzoeking dan tot een verleiding door naar de duivel te luisteren. Wat voor troost kunnen wij hier nog vinden? We zijn toch zwak en uit onszelf zullen we nooit kunnen standhouden. Nee, uit onszelf kunnen we het niet. Daarom bidden we ook in de zesde bede of God ons wil verlossen van de boze.
Er zijn veel verleidingen die op ons afkomen maar weet dat de overwinning al is behaald. Laat de zesde bede daarom altijd opgenomen zijn in je gebed en weet:

    Zalig is de man die in de verzoeking volhard, want, wanneer hij de proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben.(Jac.1:12)

Voortgang en einde van de strijd

Na de moederbelofte had de duivel één doel voor ogen. De komst van de Messias moest voorkomen worden. Wat een leed heeft dit over de wereld gebracht. Abel werd gedood, de zondvloed kwam over de wereld en het volk verbleef jarenlang in Egypte onder het slavenjuk van de Farao. De satan was actief, hij zette alles op alles om de komst van de Messias te voorkomen. Hij ontmoedigde de Israëlieten toen zij voor het beloofde land stonden, telkens weer verleidde hij hen tot afgoderij. Maar hij heeft verloren. In Bethelem werd onze Zaligmaker geboren. En terwijl de satan het nog een aantal keren probeerde, bijvoorbeeld bij de kindermoord te Bethlehem en de verzoekingen in de woestijn, bleef onze Heiland getrouw. Zo klonk op Goede Vrijdag zijn woord: Het is volbracht. De strijd was beslist. Christus overwon! Dat betekent niet dat de strijd voor ons ten einde is. Dagelijks hebben we nog te strijden tegen de duivel, de wereld en ons eigen vlees.
Maar we mogen zeker zijn van de overwinning van onze Heer en Heiland Jezus Christus. Door de Heilige Geest gesterkt, gewapend met de geestelijke wapenrustig en met het machtige wapen van het gebed moeten wij blijven strijden. Strijden tot de jongste dag. Dan zullen wij de volkomen overwinning behalen en mogen we thuiskomen. Want we weten:

    God is getrouw, die niet zal gedogen, dat gij boven vermogen verzocht wordt, want Hij zal met de verzoeking ook voor de uitkomst zorgen, zodat gij ertegen bestand zijt.(1Kor.10:13)