Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Strijdbaar of passief

Jaargang: 
2
Datum: 
12 mrt. 2008
Nummer: 
10
Schrijver: 
P. van Gurp
ID:
253
Rubriek: 

Vandaag is het biddag en hebben wij het voorrecht vanavond naar de kerk te kunnen gaan om door de bediening van Gods Woord onderwezen te worden inzake ons bidden, namelijk dat wij zullen bidden zoals het behoort.
Wij zetten dit hoofdartikel over de biddag in het bredere kader van onze plaats en roeping als gelovigen in de samenleving, die steeds meer vervreemd raakt van het leven van en voor de HEERE.


Biddag voor het gewas

Vanouds was de biddag een biddag voor het gewas. In de loop van de tijd, toen door de ontwikkelingen in de volkshuishouding het aandeel van de agrarische sector verminderde en er steeds meer nadruk kwam te liggen op de dienstverlening en de industrie, werd het karakter van de dag uitgebreid naar: bid(dank)dag voor gewas en maatschappelijke arbeid.
Onze kerkorde regelt wel het onderhouden van de feestdagen, maar niet van de bid- en dankdag voor het gewas. In het verleden hebben synodes het houden van zo'n bid- en dankdag in de vrijheid van de kerken gelaten, hoewel de gemeenten wel opgewekt werden om "de bededagen van Drente, Overijssel, Groningen en Vriesland mede te vieren" (Generale Synode Amsterdam 1849). In die provincies waren zij al langer in gebruik.
Het is steeds meer een goede gewoonte geworden om in een kerkdienst op deze dagen als gemeente gezamenlijk stil te staan bij het begin en eind van een seizoen en ook samen de HEERE aan te roepen met dankzegging en gebed.
Dat is vooral belangrijk omdat wij steeds meer gewapend moeten worden tegen de verzoekingen van de satan om materialistisch te worden, dat is zoals de apostel dat noemt: met meer liefde voor genot dan voor God.
Immers, ondanks alle geklaag en gestaak vanwege de looneisen, leven wij in een tijd van welvaart voor bijna iedereen. Trouwens, met de moderne technieken van landbouw en veeteelt is er geen sprake meer van voedseltekorten, tenminste in de rijke landen. En wat de natuur betreft: weliswaar kan de moderne mens die niet naar zijn hand zetten en komen zowel droogte als overstromingen, aardbevingen en tsunamies over de wereld - maar ook daarin voorziet de duivel met brood en spelen om de ellende maar te vergeten.
Wat moeten wij van de HEERE vragen? Voorspoed? Maar dat is toch een verzoeking!
De Here Jezus Christus heeft ons geleerd te bidden om het dagelijks brood, elke dag weer. Hij leerde het Zijn volk in de woestijn om elke dag op de HEERE te vertrouwen dat Hij het dagelijks manna zou geven. En wie daar niet zo zeker van was en daarom maar veel verzamelde had niet over: ieder had naar zijn behoefte (Ex.16:19, 2 Kor.8:15). En de HEERE leerde daarmee Zijn kerk van alle tijden dat wij in de kerk naar elkaar moeten omzien, zodat niemand gebrek zal lijden. Hij heeft daar zelfs de diakenen voor gegeven.
Daarom bidden wij met de Spreukendichter: armoede of rijkdom geef mij niet; voed mij met het brood mijns bescheiden deels (Spr.30:8). Daarom bidden wij samen als gemeente: geef ons heden ons dagelijks brood.
Samen hebben wij dan ook genoeg. Ook als er financiële offers gevraagd worden voor de instandhouding van de eredienst en vooral voor het gereformeerd onderwijs, waarvan de noodzaak steeds meer ons opgelegd wordt. Ook als we een mooie baan niet kunnen aannemen omdat we dan te ver van de kerk komen te wonen.
Dat alles en nog veel meer hoort bij ons gebed om staande te blijven in de verzoekingen van deze tijd. En vooral omdat wij daardoor erkennen dat de HEERE de enige oorsprong van al het goede is en dat onze zorgen en inspanning en ook Zijn gaven ons niet baten zonder Zijn zegen. Daardoor leren wij dan ook ons vertrouwen niet langer op een schepsel, maar op Hem alleen te stellen (Catechismus Zondag 50).

Strijdbaar of lijdzaam

De biddag heeft niet alleen als onderwerp het gewas, maar daarbij betrekken we ook de ontwikkelingen in de samenleving.
In 2006 verscheen er een interessante bundel opstellen onder de titel Strijdbaar of lijdzaam De positie van christenen in het publieke domein. Het boek was bestemd voor de reformatorische studentenbond CFSR ter gelegenheid van hun elfde lustrum.
Het gaat in dit boek over de voortgaande secularisatie van de samenleving. Daarover zijn al ontelbaar veel studies verschenen, maar in deze bundel gaat het er dan vooral om hoe een christen zich in de wereld moet opstellen: strijdbaar of lijdzaam.
De keuze van het woord lijdzaam is niet zo gelukkig. Immers, in de Bijbel betekent het ouderwetse woord lijdzaam 'volhardend'. De auteurs bedoelen met dit woord iets anders, namelijk: lijdelijk, passief, zich opsluitend in de eigen groep, geïsoleerd van de wereld.
Het lijkt wel alsof er de laatste tijd wat meer ruimte voor de godsdienst is gekomen, maar dat is niet meer dan schijn. In elk geval is er steeds minder plaats voor kerkgemeenschappen, laat staan voor de ware kerk. Steeds meer mensen verlaten de kerkgenootschappen. Zij beweren wel te geloven, maar willen niet bij een kerk behoren (‘believing without belonging’).
Het is niet méér dan een 'schijn van godsvrucht, waarvan de kracht verloochend is' - zoals de HEERE dat aanwijst (2 Tim.3:5).
Nu hebben wij onlangs in ons blad enkele artikelen kunnen lezen waarin moesten worden afgewezen de opvattingen van dr. Janse, die opriep om vanuit deze verdorven wereld de 'schuilkelder' in te gaan. Wij wezen toen al aan dat wij als christenen geroepen blijven, dat is ons ambt, om niet alleen tegen de duivel en zijn rijk te strijden, maar ook de naam van Christus te belijden en in dat alles onszelf te offeren (Catechismus Zondag 12).

De bron van de secularisatie

Waar komt die secularisatie toch vandaan?
De mens is vanuit zijn zondige hart afkerig van binding. Zijn voorkeur gaat uit naar een vorm van religie waarin het accent valt op individuele keuze en subjectieve ervaring. Allerlei predikanten, ook daar waar wij die het minst hadden verwacht, namelijk in de Gereformeerde kerken vrijgemaakt, passen zich daarbij aan.
Wij kunnen daarom ook spreken van een dubbele vorm van secularisatie, niet alleen in de wereld, maar ook in de kerk. Daar is namelijk steeds meer aan de orde de horizontalisering van de kerkelijke boodschap, welke doorwerkt in de wereld.
Een bekende verdediger van het christelijk geloof, G.K. Chesterton, schreef:

    Steeds opnieuw zijn de mensen zich tevreden gaan stellen met een verwaterde leer. En telkens en telkens weer is als uit de duisternis gekomen in een bloedrode waterval de kracht van de onvervalste purperen wijn,254.

En de theoloog Kierkegaard schreef, nota bene al in 1851:

    Onophoudelijk gaat dat maar door met de perfectionering van de communicatiemiddelen, zodat de verspreiding van geleuter steeds grotere omvang kan krijgen. En niemand schijnt er aan te denken, dat het veel harder nodig is nu eens een machine tegen dit soort luchtverontreiniging uit te vinden, om al dat geklets, waaraan hele staten ten ondergaan, eens te bestrijden, 266.

Het is vooral in West Europa dat de secularisatie zover is voortgeschreden en in deze treurige ontwikkeling loopt Nederland nog wel helemaal vooraan. Hoe dat kan? Omdat, zo leerde ik al als jongen op de catechisatie bij ds. J.G. Feenstra, het bederf van het beste het slechtste is.
Dat is ook het oordeel van de HEERE over degenen die verlicht zijn geweest, van de hemelse gave genoten hebben en deel gekregen hebben aan de Heilige Geest, en het goede woord Gods en de kracht en de komende eeuw gesmaakt hebben en daarna afgevallen zijn, Heb.6:5.
En de HEERE laat zien dat Hij ook in de afval werkt. Hij geeft over aan steeds ernstiger zonden, Rom.1. Hij zendt zelfs een energie van dwaling, waardoor de mensen de leugen geloven en de waarheid niet meer kunnen onderscheiden. Daarin komt het oordeel van de verlating - de HEERE verbergt Zijn aangezicht. Wij zien dat in de leegheid van het bestaan, met name bij de jeugd, die dat probeert op te vangen met seks en met computergames.

Vreemdelingschap

In deze bundel gaat het dus, zoals gezegd, over de vraag hoe christenen levend in deze maatschappij zich moeten opstellen onder deze voortgaande secularisatie.
Eerst geven verschillende deskundigen een beschrijving van de plaats van christenen in de samenleving, niet alleen met het oog op wat zich afspeelt in de buitenkerkelijke wereld, maar ook in de kerk, waar de 'horizontalisering' in plaats van de prediking van het onvervalste Evangelie steeds verder doordringt.
Verschillende scenario's worden beschreven. Een daarvan, namelijk 'een pleidooi voor vreemdelingschap' heeft daarbij vooral onze aandacht.
Vreemdelingschap is een voluit Schriftuurlijke notie.
Ik ben, o HEER, een vreemd’ling hier beneên,
Laat uw geboôn op reis mij niet ontbreken (Ps.119:10 ber.).
Petrus schrijft zijn brieven aan de vreemdelingen in de verstrooiing en hij noemt hen: uitverkoren vreemdelingen.
In de voorrede van de Dordtse Leerregels lezen wij:

    Onder de zeer vele vertroostingen, dewelke onze Here en Zaligmaker Jezus Christus aan Zijn strijdende Kerk in deze ellendige pelgrimage gegeven heeft wordt deze met recht onder de voornaamste geacht, die Hij haar heeft nagelaten, als Hij tot Zijn Vader in het hemelse heiligdom zou ingaan, zeggende: Ik ben met ulieden al de dagen tot de voleinding der wereld, 355.

Bij Augustinus lezen wij:

    Zo gaat de Kerk haar weg in deze wereld, in deze kwade dagen; het is een tocht die niet pas is begonnen tijdens de lichamelijke aanwezigheid van Christus en Zijn apostelen, maar al bij Abel, de eerste rechtvaardige, die door een goddeloze broer werd gedood. Begeleid door de vervolgingen van de wereld en de vertroostingen van God zet zij die pelgrimstocht voort tot aan het einde van deze tijd, 337.

De vreemdelingschap brengt Gods kinderen in het isolement. Zij klagen daar niet over, maar zien het als Gods wijze en genadige leiding van Zijn kerk in de wereld. Immers, daarin werkt tegelijk een bewarende kracht van God. Als Jesaja van de HEERE de opdracht krijgt zich terug te trekken gaat het juist om het bewaren van het getuigenis:

    Bind de getuigenis toe, verzegel de wet onder mijn leerlingen, Jes.8:16.

Getuigenis

Vreemdelingschap mag niet betekenen een zich terugtrekken uit de samenleving. Wij hebben ook in deze geseculariseerde wereld nog steeds onze cultuurtaak.
Daarbij hebben wij de belofte van de HEERE dat onze werken niet ijdel zijn, maar dat door het laatste oordeel heen de aarde en de werken daarop bewaard blijven (2 Petr.3:10). De heerlijkheid van alle volkeren, dat houdt ook in de cultuur, zal worden binnengebracht in het Nieuwe Jeruzalem (Opb.21:24)
Daarnaast zal de kerk in de wereld haar getuigenis doen uitgaan, dat is de roeping van de kerkleden, gevoed door de bediening van Gods Woord. Zij zijn het die op allerlei gebied profetisch bezig moeten zijn.
Wij hadden op politiek en maatschappelijk gebied onze organisaties, waar we elkaar steunden en onderwezen en hielpen bij het uitvoeren van deze onze profetische roeping.
Die organisaties zijn eveneens een prooi geworden van de secularisatie, losgemaakt immers van hun krachtbron, de getrouwe kerk met haar Schriftuurlijke prediking.
Maar dat betekent beslist niet dat daarmee onze roeping vervallen is. Op allerlei wijzen kunnen wij in concrete zaken de gerechtigheid van Gods koninkrijk betrachten en uitroepen. Daarom zullen wij bidden als gemeente voor de voortgaande prediking en onderwijzing.
Daarvoor hebben de kerken ook het instrument van ons kerkblad DE BAZUIN, tot toerusting van de gelovigen in hun ambtsdienst. Ook voor die arbeid, die zoveel wijsheid en geestelijke inspanning vraagt moeten wij wel voortdurend bidden.
Wij roepen de HEERE ook aan om arbeiders uit te stoten, (Luk.10:2, Matt.9:38).
Wij bidden Hem om ons kleingeloof te beschamen en ons door Zijn Geest in de wereld te bewaren van de boze (Joh.17:15).

Toekomst

De Here Jezus Christus bewaart Zijn kerk. Steeds weer gaf en geeft Hij reformatie.
De al eerder genoemde Chesterton spreekt in een van zijn boeken over Het geloof, vijfmaal gestorven en verrezen. Hij maakt gewag van het merkwaardige feit dat het christelijk geloof zich steeds weer heeft vernieuwd en opnieuw geboren is, terwijl datgene wat het christendom als verouderd leek te overvleugelen is weggevaagd: ”Het geloof is niet een survival. Het is keer op keer herleefd in deze westerse wereld”, 253.
De HEERE gaf steeds weer terugkeer naar de bron, Schrift en belijdenis. En vandaag ontvangen wij in de kerk in plaats van de Schriftkritiek, gevolg van de aanpassing aan de wereld, de schatten van de Schriftuitleg van vroeger in de vorm van leespreken van jaren her en in de vorm van concrete Schriftuurlijke prediking.
Dat mag ook onze vreugde zijn: de zachtmoedigen zullen vreugde op vreugde hebben in de HEERE (Jes.29:19).

Naar aanleiding van Strijdbaar of lijdzaam De positie van christenen in het publieke domein, Red.G. van den Brink en E. van Burg, 2006 Uitg. Groen, Heerenveen, Prijs € 19,50