Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Rijk!

Jaargang: 
1
Datum: 
11 jul. 2007
Nummer: 
26
Schrijver: 
T.L. Bruinius
ID:
116
Rubriek: 

Ik dank God te allen tijde over u,
vanwege de genade Gods,
die u in Christus Jezus geschonken is;
want in elk opzicht zijt gij rijk geworden in Hem: in alle woord en alle kennis,
gelijk het getuigenis aangaande Christus onder u bevestigd is,
zodat gij ten aanzien van geen enkele genadegave te kort komt,
terwijl gij uitziet naar de openbaring van onze Here Jezus Christus.
Hij zal u ook bevestigen ten einde toe,
zodat gij onberispelijk zult zijn
op de dag van onze Here Jezus Christus.
God is getrouw,
door wie gij zijt geroepen
tot gemeenschap met zijn Zoon Jezus Christus,
onze Here.
(I Kor.1:4-9)


Goed

Het gaat goed met Nederland! Als u dit leest zijn honderdduizenden landgenoten op vakantie. Ze genieten van allerlei interessante zaken. In binnen- en buitenland. Dit jaar gaan er weer tienduizenden meer mensen op vakantie dan in het vorige jaar. En ook vorig jaar was er een stijging. Straks worden de records weer gebroken. En dus is de conclusie: goed! Het gaat goed met Nederland.
Die stijging van het aantal vakantiegangers heeft alles te maken met de economie. Er is weer meer geld onder de mensen. Er zijn weer meer mensen aan het werk. De lonen stijgen weer. De regering heeft weer meer uit te geven. Ja, aan alle kanten trekt de economie aan. En er wordt zelfs gezegd dat we moeten oppassen voor “oververhitting”. Het kan blijkbaar ook té goed gaan.

Rijk

Nederland is rijk. Het blijkt uit alles. Nee, niet iedere Nederlander is rijk. Als je langdurig ziekt bent, als je geen werk kunt vinden, als je moet rondkomen van een eenvoudige AOW, als je alleenstaande ouder bent in de bijstand...... Nee, dan ben je niet rijk. Dan kun je aan veel dingen niet meedoen. Dan kan dat heel gemakkelijk steken. Dan vóel je het verschil.
Maar als natie zijn we rijk.
En we willen nog rijker worden. Soms lijkt het wel of heel het leven draait om de economie. Om geld. De gezondheidszorg wordt beoordeeld naar geldelijke maatstaven. Is de kwaliteit in overeenstemming met de prijs? Kan het goedkoper? Wat levert het uiteindelijk op voor de samenleving?
Als we luisteren naar de opnieuw opgelaaide discussie over Europa, dan gaat het uiteindelijk ook over de economie. O ja, er wordt gepraat over grondwet of geen grondwet. Het gaat over juridische zaken. En bestrijding van het terrorisme. Over grootse idealen van vrijheid en vrede voor alle Europeanen. Maar als het spannend wordt, dan is de boodschap altijd weer, getuige de woorden van onze minister-president en andere vooraanstaande politici: Europa móet, het is noodzakelijk voor onze economie!
We zijn rijk. We willen rijk blijven. We willen nog rijker worden. Hoewel, dat is niet voor iedere burger weggelegd. Wie zelf geen bijdrage kan leveren aan het verwerven van nog meer rijkdom en welvaart voor de natie, die komt er toch wel wat bekaaid af. Tja, wie niet verdient zal ook niet genieten ...... Nee, dat zeggen we niet tegen elkaar. Maar het klinkt wel in heel veel redeneringen door.
Soms lijkt het wel of de geest van de tijd dezelfde is als Mammon, de afgod van het geld.

En de vraag doet zich dan voor, voor gelovige mensen: gáát het echt goed met Nederland? Zíjn we echt rijk? Hèbben we echt nog meer welvaart nodig? Waar hebben we het eigenlijk over? En, de belangrijkste vraag, hoe spreekt de Bijbel daar over?

Korinte

Misschien hebben de broeders en zusters in Korinte zich ook wel met deze vraag bezig gehouden. We weten het niet. Maar we weten wel dat de Korintische samenleving heel veel leek op de onze. Korinte was een welvarende stad. Een rijke stad. Korinte lag op een knooppunt van handelsroutes. Handel en industrie bloeiden. De stad trok heel veel vreemdelingen aan. Er was veel contact met andere delen van het Romeinse Rijk. En met gebieden daarbuiten. Om die reden was Korinte ook de hoofdstad van een Romeinse provincie.
Ja, een rijke stad. Met veel rijke inwoners. Maar, de andere kant, ook met veel eenvoudigen en armen. En heel veel slaven.
Grote verschillen. Rijkdom en welvaart voor de sterken. Eenvoud en gebrek voor hen die minder mogelijkheden hadden.
In dat centrum van economische bedrijvigheid en welvaart vergadert de Here zijn gemeente.

Opnieuw: rijk

Aan die gemeente richt de apostel Paulus zijn brief, door het werk van de Heilige Geest in de Bijbel opgenomen als I Korintiërs.
De gemeente Gods te Korinte. Een kleine groep in een enorme samenleving. Niet geëerd en niet in tel. Een groepje mensen die zich afkeert van de geest van de tijd. Die geen aansluiting wil bij de heersende godsdienst. Zelfs onder de Joden kunnen ze niet gerekend worden. Ze houden er een heel andere moraal op na. Ongetwijfeld zullen ze niet veel invloed hebben gehad op het dagelijks leven in die stad. Ze zullen de economie niet beheerst hebben.
Maar dan lezen we die prachtige dankzegging van Paulus. Het vervolg van zijn groet. Die groet is ook al zo mooi: gemeente Gods, geroepen heiligen, genade en vrede voor u.
En dan volgt daarop dat dankwoord, en het gaat ons nu eerst vooral om vers 5: want in elk opzicht zijt gij rijk geworden in Hem. Ik dank God, zegt Paulus, want u bent rijk!
Die kleine gemeente, in die grote stad waar alles draait om welvaart, die is ríjk? Ja, zegt Paulus. U bent rijk! Nee, misschien niet in maatschappelijk opzicht. Maar u hebt een andere rijkdom. Een veel grotere. U bent rijk in Christus. God heeft u in Christus Jezus die geweldige rijkdom in overvloed geschonken! En daar dank ik God voor.

Geloof

Ja, de gemeente te Korinte is rijk. Rijk in alle woord en alle kennis. Rijk in het spreken over de genade van God. Rijk in het spreken over de dienst aan de Here. Rijk in het spreken met de vijand in de poort. Rijk in kennis van Gods grote genadewerk. Rijk in geloofskennis. Rijk in Bijbelse wijsheid. De Bijbel spreekt op veel plaatsen over rijkdom. Soms gaat het dan over geld en goed. Maar vaak ook gaat het over deze rijkdom. Het rijk zijn in Christus. De genade van het Evangelie hebben. Deel hebben aan Christus. Rijkdom die niet zelf verdiend is maar heel gewoon gekregen. De rijkdom die bestaat in het geloof in Christus en heel zijn werk. Geloof in Gods Woord van begin tot eind. Geloof in die geweldige toekomst die de Here Jezus voor ons heeft klaar gelegd.

Zekere rijkdom

Die rijkdom, dat is een vast bezit. De Here Christus heeft die rijkdom aan de Korintiërs bevestigd. Door de prediking van het Evangelie en het werk van de Heilige Geest heeft de Heer van de kerk het geloof van de christenen in Korinte gebouwd en bevestigd. Vast gemaakt. Zékere rijkdom!
De rijkdom van de handelaren en industriëlen in Korinte was onzeker. Die moest bewaard worden in kluizen. Of zorgvuldig belegd. De rijkdom in welvaartsnatie Nederland is al even onzeker. Nauwkeurig worden de wereldwijde ontwikkelingen gevolgd. Doen de aandelen het goed? Hoe staat de rente? Fuseren of failliet gaan?
Maar de rijkdom waar Paulus van getuigt is vast. De èchte rijkdom, want dat is het, die èchte rijkdom is zeker. Die is niet afhankelijk van menselijke daden. Die is niet afhankelijk van het wereldgebeuren. Over die rijkdom hoef je je geen zorgen te maken. Die zal niet vergaan. Want Christus zal de zijnen bevestigen. Hij bevestigde de Korintiërs. Hij bevestigde al de zijnen, de eeuwen door, overal op aarde. En Hij blíjft dat doen. Hij schenkt zijn volk Zijn gemeenschap. Zoals Hij dat beloofd heeft.
De rijkdom van de wereld vergaat. Straks is alle geld en goed stof en as. Maar de rijkdom van Christus, de genade van de rechtvaardiging en verzoening, die blijft in eeuwigheid. Die zal maken dat straks, op de Jongste Dag, al Gods kinderen onberispelijk zullen zijn.

Op weg

Wie gelooft, die komt niets tekort. Ja, misschien denken we dat vaak wel. Misschien menen we dat we veel te kort komen. Aan inkomen. Aan subsidies. Aan rechten. Aan onderdak. Aan opleiding. Aan mogelijkheden in onze maatschappij.
Maar dan hebben we de dankzegging van Paulus niet echt begrepen. We komen echt niets te kort. Geen enkele genadegave zal de Here Christus ons onthouden. Een machtig vooruitzicht schenkt Hij ons: we zijn op weg naar de openbaring van onze Here Jezus Christus. En als Hij weer komt, dan zullen we erbij zijn. Dan zullen we zien dat ònze schatten, voor niets gekregen, bewaard blijven. Terwijl de schatten van Mammon volkomen vergaan.
We zijn op weg. En van de aardse schatten zullen we niets mee kunnen nemen. Ze kunnen ons van nut zijn in onze dienst in deze bedeling. Maar het eeuwige leven hebben ze niet. De rijkdom van Christus nemen we wèl mee op die weg. Helemaal mee naar de nieuwe Hemel en de nieuwe aarde. Helemaal mee naar het Nieuwe Jeruzalem.

Arm

Gaat het goed met Nederland? Zijn we rijk? Hebben de leiders van onze natie gelijk? We weten wel beter. Arm is ons land. Straatarm. Omdat de rijkdom van Christus veracht wordt.
Er zijn er onder ons die het heel goed hebben, materieel gezien. Dat mag. Daar mogen we ook van genieten. En de Here danken. Er zijn er ook die het moeilijker hebben. Die wel graag wat meer financiële armslag zouden willen. Misschien zelfs wel nodig hebben. Daar mag best voor gebeden worden. Als we maar goed zien, met de kennis waar Paulus over spreekt, dat het uiteindelijk daar niet om gaat. Dat de aardse rijkdom niet ons leven en onze toekomst bepaalt. Ook al ervaren wij, als kortzichtige en zondige mensen, dat vaak wel zo.
Wij zijn rijk! We hebben deel aan Christus! Hij zal ons bevestigen!
Dan komt heel dat economische streven in een ander licht te staan. In het licht van de openbaring van onze Here Christus. Dàn, als onze Here zich openbaart, wordt het leven pas echt goed.