Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Psalm 78:1

Jaargang: 
0
Datum: 
01 jan. 2008
Nummer: 
0
Schrijver: 
B. de Roos
ID:
2049

Vorige week leerden we een Psalm waarin Asaf ons er op wees dat het belangrijk is om naar de geschiedenis te kijken.  
Diezelfde dichter, Asaf dus, doet dat in Psalm 78 nóg een keer.

Asaf gaat weer terug naar Mozes.
Asaf waarschuwt zijn luisteraars. U moet, zegt hij, het slechte voorbeeld van uw voorgeslacht niet volgen. Wat deden die mensen dan fout? Antwoord: zij vergaten notabene dat de Here een verbond  met Zijn volk gesloten had. Kijk maar eens in de onberijmde versie van Psalm 78; in de Bijbel dus. In vers 10 staat:
“Zij onderhielden Gods verbond niet,
zij weigerden in zijn wet te wandelen”.

Verbond
Wat is het verbond? Antwoord: er zijn twee partijen die samen iets afspreken.
Maar in de Bijbel gebeurt iets heel bijzonders. De mens dénkt er niet eens aan om een verbond met God te sluiten.  De Here neemt de eerste stap. De Here maakt vaste afspraken met Zijn kinderen.
Hij belooft hen dagelijkse verzorging, met alles wat zij nodig hebben. Hij belooft hen vergeving van zonden. Hij belooft hen eeuwig leven. Zo laat Hij elke dag zien hoe lief Hij Zijn volk heeft.
Van ons eist de Here liefde. Gods kinderen hebben de verplichting om te leven volgens de door Hem gestelde wetten.
Het verbond van God heeft dus twee kanten: belofte en eis.
In onze tijd kijken veel mensen daar raar tegen aan. Als je spreekt over liefde, dan praat je toch niet over verplichtingen? Je praat toch niet over straffen als je niet aan de eis van God voldoet?
Bovendien kúnnen wij helemaal niet aan Gods verbondseisen voldoen. Onze liefde voor God zit vol deuken en krassen.
Hoe moet dat nu verder?
Als wij spreken over Gods verbond, mogen we het werk van Jezus Christus nooit vergeten. In Zijn lijden en sterven heeft Hij voor onze zonden betaald. In onze tijd kunnen we niet goed begrijpen wat Psalm 78 betekent als we het werk van de Heiland niet meetellen!

Genade
Asaf wijst ons op de manier waarop de Here Zijn volk uit Egypte bevrijdde.
Asaf wijst op Gods volk in de woestijn. Dáár was God al bezig om Zijn volk apart te zetten. De mensen van de kerk en de mensen uit de wereld werden van elkaar gescheiden. God wilde Zijn volk heilig maken. Maar daar hadden de Israëlieten helemaal geen behoefte aan. Zij wilden zichzelf redden. Zij wilden doen waar ze zélf zin in hadden.
Die eigenzinnigheid zit in álle mensen. Wij denken dat we zelf oplossingen voor onze problemen kunnen bedenken. Misschien denken wij wel stilletjes dat de Bijbel eigenlijk een beetje ouderwets is. Tegenwoordig hebben geleerde mensen daar een keurige uitdrukking voor bedacht. De Bijbel is soms tijdgebonden, zeggen ze dan. Geloof het maar niet!
Want wij zijn altijd afhankelijk van Gods genade. Of je nu in 1517 leeft, of in 1886, in 1944 of in 2012: in alle tijden moet je ’t hebben van Gods trouw!    

Gods toorn
Asaf herinnert er in Psalm 78 ook aan dat de Here heel boos op Zijn kinderen is geweest. Kijk in de Bijbel maar eens in Psalm 78:21 en 31.
Er zijn momenten dat wij niks van God merken. En dan kunnen wij onze eigen gang gaan, denken we. Nou, vergeet het maar. De Here is altijd aanwezig. En Hij is woedend als Zijn kinderen bij Hem weglopen! 

Uitverkiezing
Maar één ding is zeker.
En dat is dit: de Here heeft mensen uitgekozen om Zijn kinderen te zijn. Gods uitverkiezing, noemen we dat in de kerk. Kijk ook maar eens in vers 68: “Hij verkoos de stam van Juda”. En bij de Here is het zó: eens gekozen, blijft gekozen! Je begrijpt wel: daar mogen we heel blij om zijn. En in de kerk zijn we dat ook.
We zijn zó blij, dat we graag doorvertellen wat de Here heeft gedaan. En dáárom leren we vandaag Psalm 78:1.