Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

God leidt Zijn volk nog steeds naar Zijn vrede

Jaargang: 
5
Datum: 
12 jan. 2011
Nummer: 
1
Schrijver: 
S. de Marie
ID:
775


    Luk. 1: 74, 75, 79:
    74  dat Hij ons zou geven, zonder vreze, uit de hand der vijanden verlost,
    75  Hem te dienen in heiligheid en gerechtigheid voor zijn aangezicht, al onze dagen. (...)
    79  om hen te beschijnen, die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods, om onze voeten te richten op de weg des vredes.

Verlost òm te dienen

De lofzang van Zacharias heeft dimensies die het leven van al onze dagen raakt. We willen, nu we in een nieuw jaar des Heren zijn gekomen, dat overdenken aan de verzen 74, 75 en 79 van Lukas 1.
De verlossing van God heeft altijd tot doel dat Zijn volk weer terugkeert naar de heilige dienst aan Hem. Zo leidde de Here God zijn volk Israël uit Egypte om Hem weer te dienen. Zo moest Mozes dat namens de HERE steeds weer aan Farao meedelen: “laat Mijn volk gaan om Mij te dienen.” (...)
En zo mocht Ezechiël dat ook prediken in hoofdstuk 36 met betrekking tot de verlossing uit de ballingschap. Eerst zegt 36: 24

    Ik zal u weghalen uit de volken en u bijeenvergaderen uit alle landen, en Ik zal u brengen naar uw eigen land;

en dan in vers 26 en 27:

    een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven.
    Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar mijn inzettingen wandelt en naarstig mijn verordeningen onderhoudt.

De Here zoekt door middel van verlossing Zijn eer. Hij, de Schepper Die de mens tot Zijn eer heeft geschapen, Hij blijft die mens opzoeken in Zijn erbarming. Zodat de mens Zijn Schepper, die nu ook zijn Verlosser is geworden, alle eer geeft. Ja, alleen Hém die eer geeft. Want er is geen Schepper buiten God, er is ook geen Verlosser buiten God in Christus. Alles is genadegave. Onverdiende gunst. Met het doel dat zijn verloste kinderen Hem als hun God in hun levens zouden dienen, eren en verheerlijken. Daartoe mochten ze door het werk van Christus hersteld worden tot hun oorspronkelijke verhouding tot God. In die verhouding zal hen ook de Heilige Geest geschonken worden.

In heiligheid en gerechtigheid

Van die dienst aan de Here in ware gemeenschap spreken vers 75 en vers 79b als doel van Gods verlossende daden in Zijn Zoon. Vers 75

    Dat Hij zou geven Hem te dienen in heiligheid en gerechtigheid voor zijn aangezicht, al de dagen.

Verlost uit de greep van de satan, bevrijd uit de hand van de vijand, zijn wij nu eigendom van Christus. Mogen we weer heiligheid en gerechtigheid kennen. Ja, door de Geest van Christus mogen we die weer ontvàngen. Door Hem kunnen we ook weer, zoals Paulus ons in Ef. 4:24 leert,

    de nieuwe mens aandoen, die naar de wil van God geschapen is in waarachtige gerechtigheid en heiligheid.

De verlossing in Christus mag en moet zijn voortzetting krijgen in ons leven als verloste kinderen. Wij krijgen van de Heilige Geest weer de eigenschappen die ook Adam in het Paradijs had om de Here te kunnen dienen. Om weer beeld van God te zijn!
Heiligheid en gerechtigheid worden in Zondag 3 van de HC aangewezen als de eigenschappen van de mens die goed en naar Gods beeld is geschapen. Om God naar waarheid te kennen en om Hem van harte lief te hebben en om met Hem in de eeuwige heerlijkheid te leven, om Hem te loven en te prijzen.

Zacharias zingt hier dus van de herschepping van de mens tot “mens van God”, tot “beeld van God” om de Here te dienen tot Zijn eer.
Heiligheid geeft in deze wereld de antithese aan. Het betekent apart gezet te zijn tot Zijn dienst voor Zijn aangezicht. Afgezonderd om God te eren en te aanbidden. Dat geldt niet alleen voor de zondagse eredienst, dat zeker ook! Die dag was immers als Sabbat door de Here zelf geheiligd (Ex. 20: 8) Maar heel ons leven zal door Christus’ verlossing nu ook aan de Here gewijd zijn. Alle dagen staan we, werken we en leven we voor het aangezicht van de Here. Zonder ophouden. Waarbij we gericht willen zijn op de wil van de Here.

We weten dat we daarin nu nog onvolmaakt zijn, maar er mag een begin zijn.
En tegelijk weten we ook dat dat begin het werk is van God Zelf.

    Want zijn maaksel zijn wij in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen (Ef. 2:10).

De verlossing van Christus zet zich voort tot in onze dankbaarheid. Want die dankbaarheid is ook Zijn werk aan ons. Het is het werk van Gods Geest die herscheppend en louterend bezig is. Zodat alles heen leidt tot de ware dienst aan God.
Dat zal pas na de jongste dag zijn volkomen vervulling krijgen. Dan is Christus’ verlossing volkomen.

Om onze voeten te richten

In vers 79 zingt Zacharias daarover voor een tweede keer.
Nu in het beeld van het licht van de opgaande zon, die onze wegen beschijnt. Terwijl we volledig vast waren gelopen in de duisternis. Terwijl we verstrikt waren in onze zonden en geen uitweg konden vinden, heeft de Here ons de weg van de vrede weer laten zien en laten betreden.
Zacharias profeteert dat de Opgang uit de hoogte naar ons zal omzien om hen te beschijnen die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods,
Dat wil zeggen: we waren kinderen van de duisternis en kinderen van de dood, volledig ontredderd zaten we daar neer. We zagen geen enkele mogelijkheid om daar uit te komen en verder te gaan. Om zelf de weg naar het Licht, de weg naar het leven, weer te vinden.
Maar dàn komt Christus als de zon die alles verlicht! En zo, bij Zijn Licht, vinden we niet alleen de weg. Maar kunnen we op die weg ook verder!
Want, zegt Zacharias, dat licht beschijnt hen “om onze voeten te richten op de weg des vredes!”
In Christus is de weg veilig. Bij Gods Woord en door de verlichting van de Heilige Geest is de weg zeker. Die weg is de weg des vredes. Dat wil zeggen, ze leidt tot de ware gemeenschap met God de Vader, waarin Zijn heilrijke goedgunstigheid genoten mag worden.
Deze weg is de weg van de vrijspraak en de weg van de overwinning. Deze weg is Christus Zelf!

Zo leidt Christus ons dus naar onze eindbestemming. Als wij ons op die weg laten leiden dan mag er nu al vrede zijn. Vrede als vrucht van de genade, de innerlijke ontferming van God over ons. Wat een wonder is daarom de komst van onze Heiland als de Vredevorst.

Een wonder van genade. Dat wonder van Kerst waarop Pasen, Hemelvaart en Pinksteren volgden als even zo vele wonderen van Gods genade.
Die wonderen van genade worden voortgezet door God, wanneer Hij blijft omzien naar Zijn volk. Wanneer Christus de Zijnen blijft verlossen en hen allen blijft leiden op de weg des vredes.

Ook nu zien we de donkerheid en de leegheid in de samenleving die God wegschuift en liever opgaat in menselijke bevrediging. Laten we goed blijven onderscheiden tussen het ware licht en de duisternis, tussen het ware léven en de dood.

Al onze dagen

Laten we blijven inzien dat alles wat God in Christus deed en nog doet, voortkomt uit Zijn trouw en ondoorgrondelijke liefde, dat niets verdienste was en is, dat alles, ja werkelijk alles genade is.
En laten we dan ook verheugd zijn en God prijzen en loven om het grote wonder van genade dat Hij nog steeds omziet naar Zijn volk, ook in 2011. Al onze dagen mag in onze dienst de lof aan Hem niet ontbreken.
Laat we God loven en prijzen dat Hij Zijn Zoon gegeven heeft als het Licht van de wereld ook voor onze zonden. En dat Hij het licht van Zijn schuldvergeving en van Zijn heiligmaking over ons doet blijven schijnen door Zijn Woord en Geest.

Laten we Hem nu zo ook dienen in heiligheid en gerechtigheid voor zijn aangezicht, alle dagen van 2011. Trouw aan Zijn Woord. Trouw aan onze Heiland. In ware vrede tot God en tot elkaar. Moge Hij zó dit nieuwe jaar onze voeten richten op de weg van de vrede.