Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Gezang 5:1

Jaargang: 
11
Datum: 
19 apr. 2017
Nummer: 
8
Schrijver: 
B. Dijkstra-Nijman
ID:
1863

Bid jij wel eens het 'Onze Vader'? Of misschien zing je het wel eens...

Boven dit gezang staat: Het gebed des Heren. Daarmee wordt het gebed bedoeld dat de Heere ons zelf geleerd heeft. Dat kunnen we lezen in Mat. 6:9-13. Daar leert Jezus ons zelf over het bidden.

 

In Gezang 5 lees je eigenlijk ook het 'Onze Vader', alleen dan in een berijmde vorm en kort uitgelegd.

Vers 1 begint met het aanroepen van de Heere, onze Vader: O allerhoogste Majesteit. Dit laat heel eerbiedig zien hoe groot en hoog onze Vader is.

Jullie kennen vast het zinnetje: die in de hemelen zijt. Nu, daar gaat het vers mee verder... in het rijk der heerlijkheid. Hiermee wordt ook wel de hemel bedoeld. Onze Vader woont in de hemel. Daar heeft Hij zijn troon, vandaar regeert Hij hemel en aarde.

 

Weet je ook Wie er aan de rechterhand van de Heere zit? Dat is Christus. Omdat Christus voor ons heeft betaald, voor ons is gestorven, kunnen wij bij de Heere komen! En kunnen wij ook tot onze Vader bidden.

Dat staat ook in de laatste regel van vers 1: roepen wij onze Vader needrig aan. Nederig... dat betekent ook bescheiden, onderdanig. Of met nog een ander moeilijk woord: ootmoedig.

We hebben het niet zelf verdiend dat we de Heere mogen aanroepen als we gaan bidden. Nee, door Christus mogen we tot de Heere komen en mogen we zeker weten dat Hij ons bidden hoort!