Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Catechismus - Zondag 12

Jaargang: 
8
Datum: 
16 apr. 2014
Nummer: 
19
Schrijver: 
M. Oosterhuis-Sikkens
ID:
1347
Rubriek: 


De vorige keer hebben we je verteld over Jezus, onze Verlosser. We gaan, met Zondag 12, verder over de Here Jezus spreken. Hij heeft namelijk nog meer namen. Vandaag zullen we je vertellen wat de naam Christus betekent.Lezen: 1 Samuël 16:4-13Zingen: Psalm 133:1,2

Zalven en kronen

Heb je vorig jaar de inhuldiging van koning Willem Alexander gezien?

Zag je toen ook de kroon liggen?

Onze koning kreeg hem niet op zn hoofd, in veel andere landen gebeurt dit wel. De koning wordt dan gekroond. Hij is vanaf dat moment de koning van zijn land.

Vroeger in de tijd van de Bijbel ging dat anders. Een koning werd toen gezalfd. Je hebt net een stukje uit de Bijbel gelezen over de zalving van David. De Here God had David uitgekozen om de nieuwe koning van het land Israël te worden. Een mens kon zichzelf niet zalven, de Here moest iemand uitkiezen. De Here koos David uit en stuurde de profeet Samuël om David te zalven.

In Psalm 133 die je net hebt gezongen, zong je over Aäron die gezalfd werd als Hogepriester. Ook priesters werden geroepen en uitgekozen door de Here. Zalven ging met olie, die werd over het hoofd van de gezalfde gegoten.

Gezalfde

De Here Jezus wordt Christus genoemd, dit betekent Gezalfde. Hij is uitgekozen door God de Vader en gezalfd met de Heilige Geest. Hij is dus niet gezalfd met olie zoals de priesters, profeten en koningen uit de tijd van de Bijbel. Hij is gezalfd met de Heilige Geest toen Hij gedoopt werd in de Jordaan. Hij is gezalfd om onze Profeet en Leraar te zijn, om Hogepriester te zijn en om onze Koning te zijn. We gaan deze drie ambten, dat zijn een soort beroepen, uitleggen.

Profeet en leraar. Toen de Here Jezus op aarde was, vertelde Hij over de Here God. Hij vertelde dat er maar één God is en dat die God de hemel en de aarde heeft gemaakt. Ook vertelde Hij dat die God de wereld zo lief heeft gehad dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft. Opdat een ieder die gelooft, behouden zou worden (Joh. 3:16). De hoogste Profeet en Leraar maakte de mensen het grote verlossingsplan van God de Vader bekend. Hij wordt de hoogste genoemd omdat Hij de Zoon van God is. Hij is de belangrijkste van alle profeten. Ook nu is Hij dat nog. Hij komt met Zijn Woord naar ons toe. In de Bijbel kun je Zijn Woord lezen en elke zondag in de kerk komt Hij ook naar jou toe om te vertellen van het verlossingsplan van God de Vader.

Hogepriester. Een hogepriester bracht offers in de tabernakel en in de tempel. Deze offers wezen naar hét offer dat eenmaal gebracht zou worden. De Here Jezus is de belangrijkste Hogepriester, want Hij bracht het grootste offer dat ooit iemand kon brengen. Hij bracht het offer van Zijn eigen leven, en verloste ons daarmee van onze schuld. En nu is Hij in de Hemel, Zijn verlossingswerk is gedaan. Toch is Hij nu ook nog voor ons bezig. Hij pleit voor ons bij de Vader. Dit betekent dat Hij aan God de Vader vraagt of Hij onze zonden wil vergeven. Hij wijst daarbij op Zijn offer. Hij heeft betaald voor onze zonden zodat wij schuldloos, dat is zonder zonden, voor de Here kunnen staan. Het is belangrijk om in ons gebed aan de Here Jezus te vragen om voor ons te pleiten.

Koning. In de derde plaats is de Here Jezus gezalfd tot onze Koning. Hij is een zachtmoedige, dit betekent een vriendelijke, Koning. Het is geen aardse koning die veel geld en macht wil hebben, die de mensen laat werken als slaven en die mensen onderdrukt. De Here Jezus is een goede Koning. Hij regeert Zijn kinderen met Zijn Woord, dit is de Bijbel, en met Zijn Geest. Hij komt naar ons toe met Zijn verlossingswerk. En Hij verzekert ons dat het ook echt waar is. De verlossing is echt. En het blijft ook echt, we hoeven er niet ons leven lang aan te twijfelen. Eens komt deze Koning terug om ons te halen. Deze Koning brengt ons dan in het rijk van God de Vader, waar alle wonden geheeld worden en alle tranen afgewassen worden.

Jouw namen

We hebben het nu over de namen van de Here Jezus gehad, maar wat is jouw naam? Waarom heet je zo?

Je zult zeggen: dat hebben mijn vader en moeder bedacht.

Maar wij bedoelen: waarom heb je die naam? Ben je vernoemd?

Je hebt nog een belangrijke naam, en daarin ben je zeker vernoemd. Je hebt de naam christen en daarin ben je vernoemd naar Christus, onze Verlosser. Wat een mooie naam, hè? Wees er maar trots op dat je zo mag worden genoemd. Wij hoeven ons niet te schamen voor die naam. Het is zelfs de mooiste naam die er is! De naam van onze Verlosser!

We hebben net gelezen dat de naam Christus Gezalfde betekent. Christus is gezalfd tot Profeet, Priester en Koning. En nu moeten wij als christenen in ons leven ook laten zien dat we een profeet, priester en koning zijn.

Als profeet moeten we andere mensen over Gods grote werk vertellen. We moeten vertellen dat de Here Jezus voor onze zonden betaald heeft en dat we daarom Gods kinderen mogen zijn.

Als priester moeten we ons leven offeren. Niet zoals vroeger op een altaar, maar we moeten ons leven in dienst stellen van de Here God. We moeten met heel ons leven de Here groot maken en Hem dienen.

Als koning moeten we tegen de zonden en de duivel strijden. En als dit aardse leven voorbij is, dan mogen we met Koning Christus over alle dingen regeren. Wat een heerlijke toekomst!