Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Catechismus - Zondag 11

Jaargang: 
8
Datum: 
05 feb. 2014
Nummer: 
9
Schrijver: 
M. Oosterhuis-Sikkens
ID:
1306
Rubriek: 


Vandaag gaan we je iets vertellen over Zondag 11. Weet je nog dat we een paar weken geleden het hebben gehad over de Apostolische geloofs-belijdenis? We hebben jullie toen verteld dat deze geloofsbelijdenis in drie stukje is in te delen. Eén deel over God de Vader, één over God de Zoon en het laatste deel gaat over God de Heilige Geest. Vandaag beginnen we met deel twee, over God de Zoon. Deel twee gaat door tot en met Zondag 19. We zullen vandaag zien wat God de Zoon voor ons betekent.Lezen: Jesaja 43:10-15Zingen: Gezang 30:1,4

Redder

In het vorige artikel moesten we je iets heel moeilijks uitleggen, namelijk Gods voorzienigheid. Deze Zondag gaat over de verlossing door Jezus. Nu zul je wel denken: o, dat snap ik wel. Maar sla dit artikel niet over!

Ook al heb je van jongsaf gehoord over de Here Jezus en denk je dat je alles weet, toch is het belangrijk om verder te lezen. Want ook al ken je de geschiedenis van de geboorte, het lijden en sterven van de Here Jezus, het gaat erom dat je de grote liefde van de Here God leert zien. Dat je leert om de Here lief te hebben. God de Vader heeft Zijn Zoon, Jezus, naar de aarde gestuurd om voor ons zondige mensen de schuld te betalen.

De naam Jezus betekent redder, verlosser. Wat een groot wonder! Onze schuld wordt elke dag alleen maar groter, toch wil de Here het vergeven. Wij mogen Gods kinderen zijn.

Heiligen

In de tijd dat de catechismus werd geschreven, kenden de mensen de verhalen uit de Bijbel ook. Toch waren er mensen (de roomsen) die niet alleen op God vertrouwden maar hun behoud zochten bij Maria of bij andere heiligen. Deze mensen dachten dat ze niet zomaar tot God konden bidden, maar dat ze via Maria naar de Here konden gaan. Met heiligen worden de apostelen of andere gelovige mensen bedoeld, die veel goede dingen hebben gedaan voor de Here. Zoals Paulus, Petrus en Johannes. Ze hebben als het ware een streepje voor. De mensen zagen de Here God als boeman, als een boze God. Zij durfden Hem niets te vragen. Ze durfden dit alleen te doen via een ander, gestorven mens, een schepsel. Denk eens in wat een belediging dit is voor de Here God. God, die vol liefde omziet naar Zijn kinderen en zelfs Zijn Zoon overheeft voor de zondige mensen, wordt dan alleen gezien als een toornend God. Terwijl de mensen vertrouwen op (zondige) schepsels.

In Zondag 11 lezen we dat alleen bij de Here Jezus verlossing te vinden is. Nergens anders! Niet in goede werken, niet bij andere mensen, ook niet in een ander schepsel. Mensen die hun behoud wel bij iets anders zoeken, verloochenen de Here Jezus. Dit betekent dat ze aan de Here Jezus voorbijgaan. Ze willen zich zelf redden. Eigenlijk vinden ze het offer van de Here Jezus waardeloos.

Idolen

Nu zul jij wel weten dat je je verlossing alleen aan Jezus Christus te danken hebt. Je zult wel een beetje moeten lachen om gelovigen die bidden tot Maria of tot een andere heilige zoals Petrus. Toch moeten ook wij oppassen om niet ook de verkeerde kant op te gaan. Wij zijn immers allemaal zondige mensen en wij zijn in ons hart er steeds op uit om de Here te verlaten. Wij dienen dan niet een heilige maar wat dacht je van het vertrouwen op macht, rijkdom of op idolen? Veel jongeren verzamelen plaatjes of spullen van idolen. Bekende mensen van tv of internet. Is het goed om daar zo mee bezig te zijn?

Dienen deze idolen de Here, of wijzen ze je juist de verkeerde kant op?

Besef dus goed waar je mee bezig bent.

Ook rijkdom kan een grote aantrekkingskracht hebben. Nog meer geld willen hebben, nog rijker willen zijn, nog meer speelgoed willen kopen. Maar is dat het belangrijkste in je leven hier op aarde?