Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Catechismus

Jaargang: 
10
Datum: 
28 dec. 2016
Nummer: 
25
Schrijver: 
M. Oosterhuis-Sikkens
ID:
1697
Rubriek: 



Zondag 44

De verbondswet van de Here bestaat uit 10 geboden. In dit artikel bespreken we het tiende gebod met jou. Zondag 44 is ook een afsluiting. Met deze Zondag sluiten we het onderwerp de wet af. We kijken aan het einde van dit artikel terug op al Gods geboden. Kunnen wij ons daaraan houden? Lezen: Romeinen 7:7-8Zingen: Psalm 37:1

Begeren

Het tiende gebod luidt: 'U zult niet begeren het huis van uw naaste. U zult niet begeren de vrouw van uw naaste, noch zijn slaaf, noch zijn slavin, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is'.

Begeren is dat je jaloers bent op iets van een ander, je wilt het ook hebben. Begeren is zonde, zo schrijft ook Paulus in Romeinen 7:7.

Met dit tiende gebod gaat de Here verder dan bij de andere geboden. Bij de andere geboden was het vaak nog de buitenkant. Niet stelen, niet liegen, niet doodslaan. Allemaal dingen die we kunnen zien, het zijn allemaal daden. Maar bij dit gebod leert God ons dat ook wat we niet zien, ook ons denken zondig is. En ook daar zegt de Here van dat het verkeerd is. We mogen niet jaloers kijken naar de spullen van een ander.

Juist jaloersheid is zo erg. Je gunt de ander zijn spullen niet, je wilt het zelf hebben. In je denken ben je niet eerder tevreden dan dat je het zelf ook hebt. Door de jaloersheid overtreed je zomaar de andere geboden.

Je wilt iets heel graag hebben dus je steelt een euro om het te kopen (8e gebod). Je moeder merkt het en zegt er iets van. Jij liegt (9e gebod) en bent brutaal (5e gebod). Zie je wel dat vanuit begeren er andere zonden komen? Het begint vaak met iets begeren, het begint vaak in je hart.

Natuurlijk is het niet verkeerd om graag iets te willen hebben. Je kan ervoor sparen, je kan het vragen voor je verjaardag. En er zo naar uitzien dat je die mooie fiets, die mooie Lego-auto krijgt. Maar het willen hebben mag nooit vanuit jaloersheid komen.

De Here kijkt in dit gebod naar je hart. Ben je tevreden met wat de Here je geeft? Geloof je van harte dat je genoeg hebt gekregen? Tevreden of jaloers daar gaat het in dit gebod over.

Een leven met de Here begeren

De zonde tegen het tiende gebod zagen we al in het paradijs. Eva begeerde de vrucht en was niet tevreden met de taak die God haar had gegeven. Ze wilde meer, ze wilde net zo zijn als de Here! Zij was jaloers. De goede band met de Here werd opgeofferd voor iets dat ze zelf graag wou. Kaïn was jaloers op Abel. Hij gaf toe aan de jaloersheid en doodde Abel. Achan begeerde de buit van Jericho, en stal het ook. Achab begeerde de wijngaard van Naboth en kreeg hem uiteindelijk ook via de zonden tegen het 8e en 9e gebod. Judas begeerde het geld en verraadde daarvoor zijn Heiland.

Zie je, al die begerigheid en jaloersheid maakt het leven kapot. De mens moest het paradijs uit, Kaïn moest vluchten, Achan kreeg de doodstraf, Achab later ook. En Judas hing zichzelf op. Door dit verkeerd begeren komt er veel ellende.

De Here wil ons laten zien hoe we wel mogen leven. We moeten tevreden zijn met onze bezittingen. Ook al hebben we voor ons gevoel te weinig en leven we in armoede. Ook dan mogen we naar de Here zien als Gever van alles en Hem bidden om voor ons te zorgen.

We mogen wel iets anders begeren. We mogen een leven begeren dat in dienst staat van de Here. We mogen de Here vragen om krachten zodat we als kinderen van Hem leven. Om gaven zodat we in de gemeente van Hem kunnen werken, en onze broeders en zusters kunnen helpen. We mogen de Here vragen om een gelovige vriend of vriendin waarmee we samen de Here kunnen dienen. Je merkt het al, we mogen wel een leven met de Here begeren!

Bidden

Met het tiende gebod zijn we aan het einde gekomen van het bespreken van Gods verbondswet. Wat hebben we veel geleerd de afgelopen 10 keer! Wat zit Gods wet mooi in elkaar! Wat zou het leven goed zijn als we ons aan deze volmaakte geboden zouden houden en zo onze naaste en bovenal de Here zouden dienen.

Kunnen we ons aan deze geboden houden? Nee, helemaal niet! Wij zijn zo zondig dat we uit ons-zelf niet eens een klein beetje van de wet kunnen volbrengen. Steeds zijn we eropuit om God en onze naaste te haten.

Maar, zul je denken, waarom moeten we dan toch steeds de wet aanhoren in de kerk. En waarom legt de catechismus de geboden aan ons uit? Waarom zijn dan al deze artikelen in De Bazuin geschreven, we kunnen het toch niet volhouden? We hebben er dan toch niets aan!

De Here wil dat wij door de wet leren dat we zondig voor Hem staan. We leren zo onze ellende en zonde goed kennen. We weten dat we niets hebben verdiend. Daardoor maken we ons klein voor de Here en vragen Hem om vergeving van al onze zonden. We leren dat we de Here Jezus nodig hebben als onze Verlosser. Want dankzij Hem is vergeving mogelijk. Daar mag je God de Vader eerbiedig om vragen.

Ook wil de Here dat we steeds bidden om de Heilige Geest. De Heilige Geest werkt in ons hart zodat we steeds tegen al die zonden strijden en willen leven tot eer van de Here.

En dan danken we de Here voor alles wat Hij ons geeft. We danken voor Zijn vergeving we danken Hem voor Zijn goede zorgen. We danken Hem voor Zijn trouw aan Zijn verbond!

Verwerkingsvragen

1. Wat is begeren?2. Wanneer was jij jaloers?3. Ken je ook een voorbeeld uit de Bijbel van jaloersheid?4. Wat mogen we wel begeren?5. Kunnen we ons aan de wet houden?6. Waarom horen we dan toch steeds de wet?7. Wie wil in ons werken zodat wij uit dankbaarheid voor de Here leven?