Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Catechisatie

Jaargang: 
8
Datum: 
18 jun. 2014
Nummer: 
31
Schrijver: 
C. Koster
ID:
1391


catechisatiecatechumenenvroege kerkYes, het catechisatie-seizoen zit er weer op! Heb jij dat ook gedacht, toen het laatste catechisatie-uur was afgelopen? Lekker weer die avond vrij, om andere dingen te doen. Vind je het vervelend dat je catechisatie krijgt? Of doe je het, omdat het gewoon moet? Het is goed om eens serieus na te denken wat catechisatie is. En hoe het zou zijn als de kerk helemaal geen aandacht zou besteden aan het onderwijzen van de jeugd. Daarom wil ik graag eens schrijven over catechisatie. Wat is catechisatie? En waarom moet je naar catechisatie? Is er altijd al catechisatie geweest in het verleden? Of is dat iets nieuws, sinds de Vrijmaking in 2003?

Wat is catechisatie?

Catechisatie komt van een Grieks woord, dat onder-wijzen, leren of meedelen betekent. In de kerk wordt catechisatie gegeven, onderwijs in het christelijk geloof. Dit onderwijs is erop gericht om onmondige doopleden te brengen tot mondige belijdende leden. Mondig in Christus. Dat betekent, dat jullie de Here Jezus leren kennen. En dat je leert spreken, zoals Hij in zijn onderwijs heeft gesproken. Het doel van catechisatie is publiek belijdenis doen van je geloof, voor Gods aangezicht en in aanwezigheid van de gemeente.

Catechisatie heeft dus alles te maken met het overdragen van kennis. Deze kennis is liefdekennis. De vreugdevolle wetenschap wie de Here is en wat Hij voor jou heeft gedaan. Kennis van zijn genadewerken. Kennis van wat de Here belooft, namelijk vergeving van de zondeschuld en verlossing uit de macht van de satan. Deze kennis is dus niet te vergelijken met gewone kennis van feiten of gebeurtenissen. Het gaat om kennis van jouw Verlosser en Redder. Kennis die gepaard gaat met liefde voor de Here en verbondenheid met de Here. Een liefde waarin je God graag beter wilt leren kennen. Zodat je nog verder groeit in liefde en geloof.

Wie gedoopt is, die zal moeten opgroeien in kennis van de Here. Je moet een levend lid worden van de kerk van Christus. Je zult zelf kennis moeten hebben wie de Here Jezus is en wat Hij voor jou gedaan heeft. En je mag leren om je eigen wil te verloochenen en om Gods wil te doen. In alle situaties van het leven, als je jong bent. En ook als je ouder mag worden.

Het gebed na de bediening van de doop is erg mooi. De gemeente bidt onder andere: Wij bidden U, dat U dit kind door uw Heilige Geest voortdurend wilt regeren, zodat het christelijk en godvrezend opgevoed wordt en in de Here Jezus Christus zal opgroeien en toenemen. Geef dat het zo uw vaderlijke goedheid en barmhartigheid, die U aan dit kind en aan ons allen bewezen hebt, zal erkennen en belijden. Je was nog maar een paar dagen oud, toen je werd gedoopt. Maar toen ging al het gebed omhoog naar de Here of je je leven lang mag opgroeien in de Here Jezus Christus!

Vroeger

In de Vroege Kerk werd catechisatie gegeven. Zoals in Handelingen 8 wordt verteld over de kamerling uit Morenland. Daar staat: indien gij van ganser harte gelooft, is het dopen geoorloofd. En hij antwoorde: ik geloof, dat Jezus Christus de Zoon van God is. Zo ging het waarschijnlijk in de Vroege Kerk. Voordat de doop bediend werd, moest op één of meerdere vragen een korte kernachtige geloofsbelijdenis worden uitgesproken.

Mensen die tot geloof kwamen en bij de kerk wilden horen, die heetten eerst catechumenen, oftewel leerlingen. De catechumenen werden door de kerk onderwezen in het geloof. Dat gebeurde al sinds de tweede eeuw na Christus. Het geloofsonderwijs werd in de loop van de tijd steeds grondiger. De leer van de kerk werd uitgebreid onderwezen. Als je belijdenis wilde doen, dan moest je wel weten waarvan je belijdenis deed. Het catechisatieonderwijs duurde twee à drie jaar. In de laatste paar weken voor hun belijdenis werden de catechumenen voorbereid op hun doop. In deze laatste periode moesten ze een belijdenis leren opzeggen uit hun hoofd. Als ze dan gedoopt zouden worden, dan konden ze die belijdenis uit hun hoofd opzeggen.

Catechisatie is dus een oeroud gebruik. Vind je het niet bijzonder?! De catechisatie die jij krijgt, is verbonden met het onderwijs aan vele duizenden generaties voor jou, die ook catechisatie kregen.

Ontwikkeling

In de loop van de eeuwen kwam het ambt en het sacrament steeds meer in het centrum van de kerk en het geloof te staan. De kerk werd uiteindelijk een instituut dat brokjes heil uitdeelde. De kerk verkondigde niet meer het Woord, er was geen behoud door het geloof in dat Woord. Maar het was een kwestie geworden van brokjes verzamelen. De ambtsdragers deelden het heil uit door middel van de sacramenten. Wie het sacrament ontving, die kreeg brokjes heil. Hoe meer brokjes, hoe beter je ervoor stond. Door al die brokjes heil was de kans steeds groter dat je in de hemel kwam.

Als gevolg hiervan werd het onderwijs in de kerk steeds minder belangrijk. Om behouden te worden moest je eenvoudigweg instemmen met wat de kerk leerde. Maar een nauwkeurige kennis van de kerkelijke leer was niet nodig. Zelfs een hartelijk geloof in God was niet nodig. Als je zei: Ik geloof wat de kerk gelooft, dan was dat genoeg. Als je maar wel trouw de sacramenten ontving, zodat je brokjes heil bleef verzamelen. Sacramenten en rituelen gingen het kerkelijk leven beheersen. Maar het zicht op de noodzaak van goed geloofsonderwijs was verdwenen. In de roomse kerk is dat eeuwen zo gebleven. Pas recent, in de 19e eeuw, heeft de roomse kerk daar weer verandering in aangebracht. Sindsdien geven ze weer uitgebreider geloofsonderwijs aan de jeugd van de roomse kerk.

Voor de Reformatie

In de periode voor de Reformatie (begin 16e eeuw), was het geloofsonderwijs dus bijna uitgestorven. In het gezin gaven de eigen ouders geen onderwijs in het geloof. Er waren wel doopouders aangesteld, de peten en meten. Die doopouders beloofden bij de doop van het kind geloofsonderwijs te geven aan het gedoopte kind. Maar in de praktijk kwam van dat onderwijs vaak weinig terecht. Er waren gelukkig wel uitzonderingen van ouders die hun eigen kinderen wel onderwezen.

En wie naar school ging, die leerde daar teksten uit het hoofd, zoals het Onze Vader, het Ave Maria, Bijbelteksten en liederen. De kinderen leerden daar bidden. Je leerde hoe je vroom moest leven, hoe je de sacramenten moest ontvangen en hoe je kon meedoen aan de toneelstukken tijdens Kerst en Pasen. Ook het geloofsonderwijs op school was dus niet heel inhoudsrijk. En dan te bedenken dat er in die tijd maar heel weinig kinderen naar school gingen.

En in de kerk werd er eigenlijk geen onderwijs gegeven. Tijdens de hele eredienst werd er Latijn gesproken, dus de kerkleden konden dat niet begrijpen. Alleen rondom de biecht was er onderwijs in de zonden en de deugden. Daarvoor waren boekjes gemaakt, die door middel van vraag en antwoord uitleg gaven over zonden en deugden. De kerkleden moesten hun zonden kunnen categoriseren, zodat ze wisten hoe ze biechten moesten. Verder waren er natuurlijk beelden in de kerk, waarin de lijdensweg van Christus werd afgebeeld. Die beelden noemde men boeken der leken. Het gewone kerkvolk kreeg door middel van die beelden geloofsonderwijs. Eigenlijk was er in de kerk geen echt onderwijs over wie de Here Jezus is en wat Hij gedaan heeft.

Reformatie

In de loop van de tijd was het geloofsonderwijs verschrompeld tot een kleine, dorre aangelegenheid. De jeugd van de kerk werd niet echt onderwezen in het geloof. In de tijd van de Reformatie is dit gelukkig veranderd. Juist ook het onderwijs aan de jeugd van de kerk kreeg weer de volle aandacht. In de Reformatie zag men weer scherp dat God met zijn volk een verbond gesloten heeft, met de gelovigen en hun kinderen. In dat verbond heeft God belofte en eis gegeven. De Here belooft genade en eist dat zijn volk met Hem leeft in liefde en gehoorzaamheid. Dit betekent, dat alle kerkleden moeten weten wie de Here is. Wat Hij belooft en wat Hij eist. Alleen dan kunnen ze met de Here leven in zijn verbond.

Dit zicht op het verbond betekende veel voor het onder-wijs aan de jeugd van de kerk. De kinderen van de kerk hadden geloofsonderwijs nodig. Alleen door het onderwijs kunnen ze openbare belijdenis van hun geloof afleggen.

De ouders hadden zelf de eerste verantwoordelijkheid om hun kinderen te onderwijzen. Niet de doopouders (de peten en meten), maar de eigen ouders moesten hun kinderen onderwijzen. Ook op de scholen werd grondig aandacht geschonken aan het geloofsonderwijs. Het geloofsonderwijs moest nadrukkelijk aandacht krijgen in de dagelijkse lessen. De Dordtse synode van 1618-1619 wilde dat voor dit onderwijs zelfs twee dagen in de week werden gereserveerd!

Onderwijs uit de catechismus

Sinds de Reformatie is het geloofsonderwijs in de kerken serieus aangepakt. De Heidelbergse Catechismus werd vaak gebruikt voor het geloofsonderwijs aan de jeugd. De basis van het geloof wordt nauwkeurig en toch beknopt weergegeven in deze catechismus. Zo kan de jeugd van de kerk stapsgewijs ingeleid worden in de leer van de kerk. Het is een belijdenisgeschrift van de kerk, waar je heel je leven lang op kunt terugvallen.

In de erediensten kwam ook de catechismusprediking op gang. Dat was een eredienst waarin een bepaalde Zondag van de Heidelbergse Catechismus centraal stond. De vruchten daarvan hebben wij nu ook nog, in de middagdienst op zondag. In zon eredienst werd de catechismus uitgelegd aan de hele gemeente. En ook werd de jeugd van de kerk tijdens de eredienst overhoord. Dat kunnen wij ons nu niet meer voorstellen. Moet je je eens voorstellen dat je voorin in de kerkzaal tijdens de zondagse eredienst je catechismuszondag moet opzeggen!

In de 17e eeuw verplaatste het catechetisch onderwijs aan de jeugd zich van de zondag naar een andere dag in de week. Zoals we dat nu dus ook kennen.

Het onderwijs vóór de Reformatietijd was erg armoedig. De jeugd van de kerk moest heel veel missen. Zij wisten amper iets over de Here Jezus en over de Bijbel. Als je het zo bekijkt is het erg bijzonder, dat je catechisatie mag krijgen. En dat je de erediensten gewoon kan volgen, in de Nederlandse taal.

Doe jij je best?

Het is een rijkdom dat in onze kerken catechisatie normaal is. Tegelijk is het belangrijk dat jij je voor de catechisatie blijft inzetten. De catecheet zal zijn stof goed moeten beheersen, zodat hij de les helder kan onderwijzen. En voor jullie betekent het dat je zoveel mogelijk aanwezig bent op catechisatie. Ook als je daardoor misschien je voetbaltraining of een verjaardag moet missen. En dat je goed je best doet. Vooral door je lessen te leren. En op te letten tijdens de catechisatie.

Ik hoop dat je door dit artikel wat wijzer bent geworden over de geschiedenis van de catechisatie. Catechisatie is misschien niet altijd leuk. Maar het is wel goed en belangrijk. Dat zie je des te beter als je naar de geschiedenis kijkt.

Juist als jeugd van de kerk moet je weten wat je gelooft en waar je voor staat. Zodat je weet wie je zelf bent. En wie de Here voor jou is. Als je dat goed weet, dan sta je stevig in je schoenen!