Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Bekleed met witte gewaden

Jaargang: 
2
Datum: 
20 feb. 2008
Nummer: 
7
Schrijver: 
P. van Gurp
ID:
243

Openb.7:13-17
13 En één van de oudsten antwoordde en zeide tot mij: Wie zijn dezen, die bekleed zijn met de witte gewaden, en vanwaar zijn zij gekomen?
14 En ik sprak tot hem: Mijn heer, gij weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking; en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed des Lams.
15 Daarom zijn zij voor de troon van God en zij vereren Hem dag en nacht in zijn tempel; en Hij, die op de troon gezeten is, zal zijn tent over hen uitspreiden.
16 Zij zullen niet meer hongeren en niet meer dorsten, ook zal de zon niet op hen vallen, noch enige hitte,
17 want het Lam, dat in het midden van de troon is, zal hen weiden en hen voeren naar waterbronnen des levens; en God zal alle tranen van hun ogen afwissen.

Wij horen nu nog een andere karakterisering van degenen die verzegeld worden. Dat waren immers de mensen die zuchtten, dat is in de binnenkamer bidden. En die kermden, dat is in het openbaar profeteerden tegen alle afval van God. Zij dragen het teken van het kruis en zij roemen in het kruis van de Here Jezus Christus.
Johannes ziet hen nu de hemel binnengaan. Zij zijn gekleed in witte klederen. Een van de ouderlingen vertelt aan Johannes wie zij zijn. Zij komen uit de grote verdrukking. Dat is de ene grote verdrukking alle eeuwen door van Gods dienstknechten. Wij worden gewaarschuwd dat alleen door verdrukkingen wij het koninkrijk van God kunnen binnengaan (Hand.14:22). Zo heeft God het besloten. Dat is de weg van Gods kinderen door het leven. Dat gaat over alle ongerechtigheid die tegen Gods kinderen begaan wordt.
Deze vervolging komt over al degenen die werkelijk leven overeenkomstig Gods geboden en die laten zien dat zij geheel anders zijn, omdat zij de Here Jezus Christus hebben leren kennen.
Wanneer wij inderdaad profeten zijn in deze wereld is het onmogelijk om aan deze verdrukking te ontkomen.
Zullen onze jonge mensen, de jongens en meisjes van de kerk, ervoor kiezen om Jezus te volgen als zij te horen krijgen dat dat betekenen gaat: verdrukt worden, apart gezet en bespot? Johannes mag de eeuwen overzien en dan ziet hij hoe de eeuwen door ook zij het koninkrijk van de Here Jezus Christus zijn binnengaan. Hij brengt hen er binnen door Zijn Geest.
Waarom zijn hun klederen wit? Zij hebben ze gewassen in het bloed van het Lam. Hun klederen waren vuil, onrein, zoals de mantel van de Hogepriester na de ballingschap, zoals Zacharia hem zag, bekleed met vuile klederen. En natuurlijk is de duivel er meteen bij om deze gelegenheid aan te grijpen om aan de HEERE te laten zien hoe weinig Hij bereikt met Zijn volk op aarde. Het is dan nog maar zo kort na de ballingschap en weer is Israël vuil van de zonden. Maar toen heeft de HEERE in Zijn genade deze hogepriester nieuwe, schone klederen gegeven. En daarmee de ongerechtigheid van Israël weggedaan (Zach.3:1-5).
En wordt dus gezegd dat zijzelf hun klederen hebben gewassen. Dat heeft apart een betekenis voor de activiteit van ons geloof. De Here Jezus Christus heeft het ene offer voor onze zonden gebracht, maar u moet zelf dat offer aanvaarden doordat u uw vuile klederen wast en schoonmaakt door het bloed van het Lam.
Gods knechten mogen de hemel binnengaan niet vanwege hun eigen bloed, niet vanwege het feit dat zij hun leven hebben geofferd in zijn dienst - zij kunnen daar alleen binnengaan door het bloed van de Here Jezus Christus. En dan zal Hij hen beschermen met Zijn aanwezigheid, Hij zal onder hen wonen, Hij zal Zijn tent over hen uitspreiden (Openb.21:3).
Zo is het begonnen in het paradijs. De HEERE daalde toen neer om de mens en zijn vrouw te bezoeken. Zij hoorden Hem komen in de 'koelte van de dag' (Gen.3:8).
Hij geeft zijn volk het eeuwige leven. Om het met de woorden van de profeet Jesaja te zeggen: "uw ogen zullen de Koning zien in Zijn schoonheid; zij zien ook Jeruzalem, een rustige woonplaats, en geen inwoner zal zeggen: ik ben ziek". En waarom niet? Omdat degenen die daar wonen vergeving van hun ongerechtigheid ontvangen (Jes.33:17,20,24).
Zij zullen noch hongeren noch dorsten, Hij zal hen leiden naar de bronnen van het levende water (Jes.49:10).
De HEERE kent u. Hij weet waar u woont, daar waar de troon van satan is (Openb.2:13). De goede Herder kent al Zijn schapen bij naam. Hij, het Lam, zal u thuis brengen, hoe moeilijk uw leven ook mag zijn. De Here Jezus Christus brengt u naar de bronnen van het levende water. Nu reeds wordt Zijn Woord aan u verkondigd en Hij geeft u leven door Zijn sacramenten. Hij zorgt voor u door middel van de ambtsdragers van de kerk, die Zijn dienstknechten zijn.
Wij hebben nog een lange weg te gaan. Maar we zullen het Lam ontmoeten. En terwijl de mensen die Hem niet hebben verwacht dan angstig zullen zijn en uitroepen: bergen, valt op ons en heuvelen, bedekt ons van Zijn aangezicht - zullen wij zonder enige vrees uit het graf komen om Hem te ontmoeten.