Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

Algemeen

Jaargang: 
1
Datum: 
03 okt. 2007
Nummer: 
34
Schrijver: 
T.L. Bruinius
ID:
142

De kerk van de Here is katholiek. De kerk is oecumenisch. Nee, het is niet de bedoeling dat we nu een afwijkende leer gaan uitdragen. Integendeel. Twee woorden, katholiek en oecumenisch, die ongeveer hetzelfde betekenen. We gebruiken die woorden niet zo graag. Ook de roomse kerk noemt zich in haar naam katholiek. De Rooms-Katholieke Kerk. Leden van die kerk worden ook vaak `katholieken` genoemd. Daardoor heeft dat woord katholiek voor ons vaak een wat vervelende bijsmaak. Ook al eigent de roomse kerk zich die naam onterecht toe. Want die kerk is in wezen helemaal niet katholiek.
En het zelfde geldt voor dat woord oecumenisch. De eeuwen door is dat woord vaak misbruikt voor allerlei onschriftuurlijke bewegingen en onschriftuurlijk eenheidsstreven. Omdat we ons bij zulke bewegingen niet kunnen en mogen aansluiten gebruiken we ook het woord liever niet.


Algemeen

Maar katholiek en oecumenisch zijn in feite heel gewone gereformeerde woorden. Helemaal in overeenstemming met de belijdenis. Ze betekenen `algemeen`. De kerk van de Here is `algemeen`. Van alle tijden en van alle plaatsen. Dat is één van haar kenmerken. Zo belijden we dat ook:

    `Ik geloof een heilige, algemene, christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen;` (Apostolische Geloofsbelijdenis, art. 9).

    `Wij geloven ...... En één heilige, algemene en apostolische kerk.` (Geloofsbelijdenis van Nicea).

    Wij geloven en belijden één katholieke of algemene kerk.( NGB art. 27, eerste zin).

We vinden dat begrip `algemeen` niet letterlijk zo in de Bijbel. Maar wel openbaart de Here ons in de Schrift met andere woorden dat zijn gemeente algemeen, katholiek of oecumenisch is. Van alle tijden en over de hele wereld. We zien dat bijvoorbeeld wanneer de Here zijn Verbond met Abraham sluit. Dan krijgt Abraham die prachtige belofte:

    `Wat Mij aangaat, zie, mijn verbond is met u, en gij zult de vader van een menigte volken worden; en gij zult niet meer Abram genoemd worden, maar uw naam zal zijn Abraham, omdat Ik u tot een vader van een menigte volken gesteld heb. ........... Ik zal mijn verbond oprichten tussen Mij en u en uw nageslacht in hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn.` (Genesis 17:4, 5, 7)

En in Genesis 22: 18 lezen we:

    ´En met uw nageslacht zullen alle volken der aarde gezegend worden, omdat gij naar mijn stem gehoord hebt.`

God roept zijn heilig volk de eeuwen door. Van geslacht tot geslacht. Uit alle volken van de aarde. Dat is algemeen.
In Mattheüs 28, vers 19 en 20, het bekende zendingsbevel, lezen we hoe de Here Christus de kerk van die dagen oproept om mee te werken aan de bouw van die algemene kerk:

    `Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb. En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld.`

Christus bouwt aan de kerk. Alle volken zullen het Evangelie horen. Uit alle volken zal Hij de zijnen roepen. Tot aan de voleinding, de Jongste dag. Dat is katholiek. Dat is oecumenisch.
Nog één Bijbelgedeelte willen we hier noemen. In het boek Openbaring mag Johannes zien hoe de Here zijn belofte van kerkbouw voltooit:

    `Daarna zag ik, en zie, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natiën en talen stonden voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen.`(Openbaring 7:9).

Gods gemeente. De bruid van Christus. Bijeenvergaderd uit alle volken van de aarde. De algemene, katholieke of oecumenische kerk.

Eén

Nu moeten we wel oppassen. Want van deze belijdenis is verschrikkelijk vaak misbruik gemaakt. En dat misbruik neemt steeds grotere vormen aan. Het is ook heel dichtbij. Juist ook vandaag. De roomse kerk noemt zich katholiek. Maar ze heeft niet het recht om die naam te dragen. De wereldraad van kerken, de vereniging van honderden `kerken` over heel de wereld, noemt zich oecumenisch. Maar dat is volkomen ten onrechte. We kennen tegenwoordig in Nederland de zgn. `kleine oecumene` waarbij `behoudende` gereformeerde en reformatorische kerken een vorm van samenwerking en eenheid zoeken. Maar die beweging is anti-oecumenisch. We zien het ook in de pogingen om de eenheid te herstellen tussen nederlands gereformeerden, christelijk gereformeerden en vrijgemaakt gereformeerden.
En voelen we niet zelf ook soms een verlangen naar een grotere kerkgemeenschap? Naar het aangaan van banden met anderen? Met andere kerken in Nederland, met wie we ons `toch verbonden voelen`? Opnieuw of voor het eerst?
Al dat streven en verlangen heet oecumenisch maar het is het tegenovergestelde.
Onze belijdenis geeft dat ook aan. Want voorafgaand aan `algemeen’ belijden we dat er maar één kerk is. “Eén heilige, algemene kerk. Eén katholieke kerk.
Algemeen en één. Dat hoort bij elkaar. Uit Gods Woord weten we dat de kerk niet verdeeld kan zijn. Christus heeft niet vele bruiden maar slechts één bruid. Ja, zeggen velen dan, maar die ene kerk kan toch wel verdeeld zijn over een heleboel instituten? Er is toch geloofseenheid mogelijk ‘over kerkmuren heen’? We erváren toch geestelijke eenheid met leden van andere kerkgenootschappen?
Onze belijdenis rekent met dit onschriftuurlijke zoeken van eenheid radicaal af. In de Heidelbergse Catechismus lezen we in antwoord 54:

    ’Hij doet dit door zijn Geest en Woord in eenheid van het ware geloof.’

En in art. 27 van de NGB:

    ’Toch is zij met hart en wil samengevoegd en verenigd in eenzelfde Geest, door de kracht van het geloof.’

De algemene christelijke kerk is één in het ware geloof. Eén in dezelfde Geest. Dat is het fundament van de algemene kerk. Het ene ware geloof zoals de Here dat in zijn Woord van ons vraagt. In héél zijn Woord. Alle genoemde kerken en bewegingen maken de algemeenheid los van dat ene geloof. Ze dwalen op allerlei punten. Ze dragen onschriftuurlijke en vaak zelfs anti-schriftuurlijke leer uit. Ze geven de Here niet de eer die Hem toekomt. Ze willen niet leven alleen uit de verzoening met Christus. Ze vinden elkaar op een afgezwakt en verkleind evangelie. Op een klein stukje van het Schriftuurlijke geloof. En daarom hebben ze geen recht om de woorden algemeen, katholiek of oecumenisch voor zich op te eisen.
We moeten dat altijd heel goed blijven zien. De Here vergadert zijn kerk de eeuwen door, over heel de wereld, op het fundament van het ene ware geloof. Een kerkgenootschap dat niet volledig en onvoorwaardelijk zich stelt op dat fundament hoort niet bij de algemene kerk. Algemeen en één zijn onlosmakelijk verbonden.
Ja, we mogen, nee, we móeten zelfs streven naar oecumene. Naar katholiciteit. Maar altijd alléén in de waarheid. Alle andere pogingen en wensen zijn bij voorbaat veroordeeld.

Rijke troost

Eén algemene kerk...... Dat houdt eigenlijk nog veel meer in. Gods kinderen laten zich voor heel hun leven voeden door die algemene kerk. Die kerk draagt over heel de wereld en in alle tijden dezelfde boodschap uit. Er is maar één naam tot behoud: de gekruisigde Christus. Al die plaatselijke kerken over heel de wereld vinden elkaar in de handhaving van dat ene Woord van God. Dat alles belijden we in dat kleine zinnetje: Ik geloof één katholieke of algemene kerk.
En dat is voor Gods kerk een heel troostvolle en bemoedigende belijdenis. We kunnen ons soms erg alleen voelen. Klein. Onbetekenend. Weinig in aantal. Maar als we daaronder misschien gebukt zouden gaan, dan is er de belijdenis. Dan spreken we Gods Woord na. Dan zeggen we met hart en mond: Maar ik geloof een algemene christelijke kerk. Ik geloof dat Christus aan het werk is. Hij bouwt zijn kerk. En dat bouwwerk laat Hij nooit los. Ja, soms kan het wel eens lijken dat de kerk er vrijwel niet meer is. Maar ik weet dat de kerk nooit zal verdwijnen. Ik weet dat de kerk niet alleen in het kleine Nederland is maar over heel de wereld. Ik weet dat de kerk niet alleen nu zo´n moeilijk bestaan heeft maar dat de Here de eeuwen door zijn kerk vergaderd heeft en blijft vergaderen tot de Jongste Dag. Ik weet en geloof dat ik lid ben van die algemene kerk. Ik weet en geloof dat de Koning van de Kerk ook mij geroepen heeft en mij met mijn talenten, met mijn gaven en opdrachten, op mijn eigen plaats inschakelt bij de bouw van die algemene kerk. Ja, ik weet en geloof dat Christus zijn kerk nooit zal loslaten. Ook al zie ik dat niet altijd. Ik weet en geloof dat Hij míj nooit los zal laten. Ik weet mij rijk getroost en bemoedigd!

    `27Deze kerk is er geweest vanaf het begin van de wereld en zal er zijn tot het einde toe. Want Christus is een eeuwig Koning, die niet zonder onderdanen kan zijn. Deze heilige kerk wordt door God staande gehouden tegen het woeden van de hele wereld, hoewel zij soms een tijdlang zeer klein en ogenschijnlijk verdwenen is. Zo heeft de Here gedurende de gevaarlijke tijd onder Achab zevenduizend mensen voor Zich bewaard, die hun knieën voor Baäl niet gebogen hadden.` (Art. 27 NGB).

    `Dat de Zoon van God uit het hele menselijke geslacht Zich een gemeente, die tot het eeuwige leven uitverkoren is, van het begin van de wereld tot aan het einde vergadert, beschermt en onderhoudt. En ik geloof dat ik van deze gemeente een levend lid ben en eeuwig zal blijven.` (HC, antwoord 54).