Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

De Acta van de Synode van Mariënberg (1)

Jaargang: 
1
Datum: 
16 mei. 2007
Nummer: 
19
Schrijver: 
H. Griffioen
ID:
86
Rubriek: 

Een belangrijk deel van de Acta of Handelingen, wordt ingenomen door het “Rapport Synodebesluiten vanaf 1990”.
In dit onderdeel, dat precies 80 bladzijden inneemt, ziet de lezer dat de verkeerde synodebesluiten van “Zuidhorn”, die in 2003 de oorzaak vormden van de Vrijmaking, omstreeks 1990 al in de maak waren.
Toen werden er al deputaatschappen gevormd die in hun onderzoeken en aanbevelingen nieuwe wegen zouden inslaan.
In een eerder hoofdartikel, onder de naam ‘Klimaatsverandering’, werd over een synodebesluit geschreven. Het ging toen over het ‘zegenende gemeentelid’, een zaak waaraan we gemakkelijk konden zien, hoe de verschillende synoden tegen het karakter van de eredienst aankeken.
Nu willen we de acta vanaf bladzijde 23 volgen en een vijftal andere besluiten langs lopen.


Vrouwenstemrecht.

Als er één onderwerp is waarin de ‘tijdgeest’ een grote rol speelt, dan is het toch wel de positie van de vrouw in de samenleving.
Ieder weldenkend mens zou het toch niet over z’n hart kunnen krijgen om te zeggen: mijn moeder, of mijn vrouw, mag niet mee doen aan de verkiezing van een bestuur.
Je leeft toch wel met oogkleppen op of je bent een uitgesproken discriminant, wanneer je vandaag aan de dag nog twijfels hebt over het feit van ‘algemeen stemrecht’.
Nu hebben de broeders in Mariënberg niet de ‘geest van de tijd’, maar de ‘Geest van de Here’ geraadpleegd.
Deze Heilige Geest liet door de apostel Paulus, in zijn eerste brief aan Timoteüs hoofdstuk 2 vers 12, opschrijven:

    Maar ik sta niet toe, dat een vrouw onderricht geeft of gezag over de man heeft; zij moet zich rustig houden.

Door nu in Mariënberg de vrouwen het stemrecht opnieuw te onthouden, is op de tijdgeest winst behaald. Daarvoor moesten heel wat voorgaande besluiten worden bekeken.
Want al in 1993 had men in Ommen de wissel omgezet.
Toen stelde men vast dat de besluiten van Leeuwarden 1978, die nog Schriftgetrouw waren, herzien konden worden.
Vervuld met ‘voortschrijdend inzicht’, gebruikte men allerlei argumenten om tot het hun aangename besluit te komen. Zo zei men dat een uitgebrachte stem in de gemeente toch niet zoveel gewicht heeft. Dat is toch nog geen regeren van de zusters?
En verder vond men: het was toen, in de Bijbel, toch een heel andere tijd. Of dacht men: we moeten ons niet onnodig in een isolement laten brengen. Tenslotte zei men ook nog: we behoeven niet bang te zijn om eens met de tijdgeest mee te gaan(!).
Deze en meerdere dubieuze argumenten gaven tenslotte in Berkel 1996 de doorslag, en het vrouwenstemrecht was een feit.
Maar op de Synode van Mariënberg klonken de koninklijke woorden: “vervallen, en de kerken zijn er niet meer aan gebonden”. Zo werd de Schrift weer tot norm verheven en de meningen van mensen opzij geschoven.

De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)

Maarten Luther heeft ons leren zingen: “Het Woord – dat zal men laten staan”. Hij wist immers, dat als de Satan het woord zou kunnen verminken, dat hij dan meer bereikt heeft, dan met alle andere leugenwerk samen.
Het vertalen van de Bijbel heeft in de kerkgeschiedenis dan ook de grootste zorgvuldigheid gevraagd.
Zo worden aan de vertalers de hoogste eisen van betrouwbaarheid gesteld.
We lezen op bladzijde 31 van de Acta:

    De Statenvertalers waren vrome mannen die het vertaalwerk in biddend opzien tot God en met ontzag en eerbied voor God en zijn Woord deden.

Heel anders hebben wij vanaf 1993 moeten geloven. Je kunt een Bijbel ook laten vertalen door Roomsen, Joden of zelfs door mensen zonder geloof.
Een oecumenisch gezelschap van alle pluimages zou betrouwbaar genoeg zijn om ons het Woord van God in hedendaags Nederlands voor te leggen.
Verschrikkelijk om zo het Woord van God in handen van mensen te geven, die er geen eerbied voor hebben.
En laat je die mensen dan ook nog werken met een ‘vertaalprincipe’ waarbij zij alle vrijheid hebben om eigen ‘overtuiging’ in te brengen, dan ben je toch echt wel “in de aap gelogeerd”. Vergeef ons de uitdrukking, maar zo kortzichtig waren de broeders ter synode, vanaf ‘Ommen’ tot en met ‘Zuidhorn’.
Of het allemaal nog niet genoeg was, zo lezen we in onze Acta, heeft men voor deze Nieuwe Bijbelvertaling, die grondteksten of handschriften geraadpleegd, die bekend staan als ‘onbetrouwbaar’.
Niet de Alexandrijnse maar de Byzantijnse handschriften had men moeten gebruiken.
De eersten vertonen teveel onderlinge verschillen.
Tellen we deze bezwarende zaken bij elkaar op, dan zien we dat de verkeerde mensen, met een verkeerde methode en met verkeerd materiaal, aan het werk zijn geweest.
Het zal de broeders in Mariënberg dan ook een vreugde geweest zijn, om over dit project haar ‘veto’ uit te spreken. “Vervallen”, alle besluiten die dit werk steunden.

De Groot Nieuws Bijbel.

Zoals we weten, gaat het met de ‘GNB’ eigenlijk niet om een vertaling, maar meer om een parafrase, een uitleggend verhaal.
Om bij bijzondere gelegenheden in de kerken te gebruiken, zei “Leusden” in 1999.
Nee, zei men op onze synode: weg ermee.
Want wat voor de NBV gold, geldt nog veel sterker voor deze ‘vertaling’.
Jan en alleman heeft aan het vertaalwerk deelgenomen, De vertaalmethode hier gebruikt, gaf de vertalers meer vrijheid dan ooit tevoren.
Het oordeel van Mariënberg was dan ook: ongeschikt voor àlle gebruik!
De Acta geven ook over dit onderwerp weer veel gegevens.
Eerst de ‘geschiedenis’, dan de ‘overweging’, vervolgens het ‘besluit’ en ten slotte de ‘gronden’. Zo gaat het bij alle onderwerpen. Met deze Acta op de plank, hebben wij dan ook een schat aan gegevens in huis.

Het Ordinarium.

Hoe is het mogelijk dat de kerken zelfs in het Roomse vaarwater terecht zijn gekomen en in beginsel de ‘Orde’ van dienst van déze valse kerk gingen overnemen.
We lezen op de bladzijden 39 en 40 van de Acta, dat het Ordinarium bestaat uit een reeks vaste formuleringen, teksten en liederen die de gemeente moet voorbereiden op de viering van de Mis. Al lezend, zingend en biddend naar het zogenaamde hoogtepunt van de dienst, de climax, de viering van het herhaalde offer. De Mis, waarvan Rome leert, dat die een ‘zaligmakende’ werking heeft, en gevierd kan worden zonder enige Woordbediening. Allemaal typisch Rooms.
En hebben wij als Gereformeerde Kerken naar deze dingen gelonkt? Ja dat deden wij. Onbegrijpelijk maar waar.
Gelukkig lezen we nu, dat het karakter van de eredienst wordt gekenmerkt door het “verbondsgesprek”. De Here spreekt tot ons in de eredienst, zijn volk luistert eerbiedig en antwoordt daarna gelovig. En dat is heel andere taal!
Luisteren naar het spreken van de Here, daar gaat het om.
Waarom de Here het Heilig Avondmaal ingesteld heeft? Om de Woordverkondiging te ondersteunen en zo aan de zwakheid van ons geloof tegemoet gekomen.
Weg met het Ordinarium, zegt “Mariënberg”.
En dat is heel andere taal dan “Zuidhorn” liet horen. Die wees drie jaar daarvoor nog alle bezwaren uit de kerken tegen dit roomse gebeuren intergraal af.

Huwelijksformulier.

Op bladzijde 42 van de Acta lezen we dat Berkel “1996” nogal wat typisch gereformeerde waarden van het oude huwelijksformulier heeft glad gestreken en daarmee weggepoetst.
Als het ging over echtbreuk, werd de straf van de Here niet meer genoemd.
Bij het stichten van een gezin ontbrak de verwijzing naar Genesis 1:28. Daar staat: “Weest vruchtbaar en wordt talrijk”.
Verder ontbraken de termen: gezag, leiden, gehoorzamen en toevertrouwen.
Het lag dan ook voor de hand dat het nieuwe huwelijksformulier, dat vanaf Berkel vorm kreeg, weggenomen moest worden uit het midden van de kerken. En zo is het ook in Mariënberg gebeurd.
Bruid en bruidegom zullen met het oude formulier van Heemse 1984/1985 weer gewezen worden op hun onderscheiden taken. De vrouw zal de veilige haven in het gezin vormen, en de man gaat er op uit om de kost te verdienen.
De wacht is weer betrokken op de muren van Sion en de secularisatie een halt toegeroepen.

Dank.

De Here komt de lof en de dank toe, dat Hij, ook door het werk in Mariënberg zijn kerk bewaard heeft. Wij zagen dat in deze vijf besluiten, en we hopen bij gelegenheid een volgende serie van vijf langs te lopen.
Wij zijn de Here dankbaar dat wij de prachtig opgemaakte en uitgegeven Acta op onze boekenplank mogen hebben.
We ervaren het steeds sterker, dat dit boekwerk een Monument is van de Vrijmaking en Wederkeer! De Vrijmaking waarvan we zo graag zingen in Psalm 124:

    De strik brak los, zo zijn wij vrij geraakt.
    In ’s HEREN naam is onze hulp, Hij redt,
    de HEER, die aard en hemel heeft gemaakt.