Sorry, u moet JavaScript inschakelen om de website te mogen bezoeken.
-A A +A

1 Timotheüs 2 en de GKv

Jaargang: 
10
Datum: 
28 dec. 2016
Nummer: 
25
Schrijver: 
E. Heres
ID:
1698
Rubriek: 


Op 1 november jl. meldde het Nederlands Dagblad dat op die dag het 'Deputaatschap M/V en ambt' binnen de GKv haar rapport zou publiceren, bestemd voor de komende Generale Synode van de GKv. De conclusie van het rapport is dat binnen de GKv vrouwen ambtsdrager mogen worden. Deputaten zeggen: 'De Bijbel geeft geen aanleiding vrouwen niet toe te laten tot het ambt van diaken, ouderling en predikant'. Deputaten geven aan dat zij tot hun advies zijn gekomen na een grondige studie van de Bijbel. 'We hebben gezocht naar Gods wil. Die is ruimhartiger dan wij dachten'.Dr. J.P. de Vries, secretaris van het deputaatschap zegt: 'Het is onterecht en oneerlijk als vrouwen pastoraal werk doen, maar niet de titel en bevestiging krijgen die horen bij het ambt.'

Gods Woord

Maar wat zegt het Woord van God zelf? Eigenlijk is dat heel duidelijk. Naast de zogenaamde zwijgteksten uit

1 Korinthiërs 11 en 14 is er dat bekende Schriftgedeelte uit 1 Timotheüs 2. Ja, daar staan in de verzen 11 en 12 woorden die veel mensen vandaag behoorlijk tegen de haren instrijken:

Een vrouw moet zich laten onderwijzen in stilheid, in alle onderdanigheid. Want ik sta niet toe dat een vrouw onderwijs geeft, en ook niet dat zij de man overheerst, maar ik wil dat zij zich stil houdt' (HSV).

J.P. de Vries zegt: 'De Bijbel zegt zó veel positiefs over vrouwen in de kerk, dat het onmogelijk is om over die zwijgteksten te zeggen dat ze altijd en voor iedereen gelden.'

Ook stelt hij dat het voor die tijd een heel progressieve opmerking was van Paulus, als hij zegt dat vrouwen zich moesten laten onderwijzen. De redeneertrant is dan dat zoals Paulus zich kon aanpassen aan de vereisten van die tijd, zo kan de kerk vandaag zich aanpassen aan de vereisten van de tijd waarin wij nu leven.

Het gevolg is wel dat je uitkomt bij een gedachte die precies het tegenovergestelde zegt van wat er in 1 Timotheüs 2 staat. Onmiskenbaar is hier sprake van het toepassen van nieuw-hermeneutische regels. Oftewel je past de leesregels aan bij datgene wat de mensen van deze tijd wenselijk vinden.

Inmiddels verschijnen de commentaren op het rapport.

Dit artikel is niet bedoeld als een commentaar op het rapport, maar we buigen ons over de verzen in

1 Timotheüs 2 waarover zoveel over te doen is.

Apostel

Het is nodig om goed te zien, dat Paulus dit zegt als apostel. Hij spreekt met apostolisch gezag! Zo is hij zijn brief begonnen:

'Paulus, een apostel van Christus Jezus, naar de opdracht van God onze Heiland'.

Schriftkritische theologen zijn snel klaar met wat ze hier lezen. Zij vatten wat hier staat echt niet op als gezaghebbend, geïnspireerd Woord van God. Zij weten zich ook bepaald niet gebonden aan wat heet het gedachtengoed van één man, die Paulus heet. Feministen brengen daarbij dan ook nog in rekening dat Paulus natuurlijk zélf een man is. Zie je wel, de Bijbel is toch maar een 'mannenboek'. Daar kan je in deze geëmancipeerde tijd toch geen normatieve kracht aan toekennen.

Maar in werkelijkheid gaat het wel degelijk over het Woord van de levende God. Hij geeft het Woord van Zijn waarheid voor de kerk van alle tijden. Maar, het is ook het Woord van het behoud voor de mensen van alle tijden. Ook deze pastorale brief staat in het licht van het grote verlossingswerk van God.

Behouden worden

Het gaat erom dat er ménsen behouden worden. Gered worden van hun zonden!

Wee de kerk die de HERE voor de voeten loopt, terwijl Hij wil dat de mensenkinderen behouden worden! Daarom zijn ook de goede verhoudingen binnen de gemeente van zo groot belang. Daarom ook dat Paulus mannen en vrouwen ook afzonderlijk aanspreekt.

Aanspreekt op hun houding. Dáárom dat onderwijs, aan zowel mannen als vrouwen in de gemeente. Het gaat de apostel Paulus er in dit gedeelte niet om de vrouwen eens flink op haar plaats te zetten. Nee, het is zelfs zo, dat hij eerst een stevig en indringend woord heeft aan het adres van de mannen. Wat hebben die vaak de neiging om zichzélf te laten gelden.

Dan gaan ze op hun strepen staan. Dan krijg je harde woorden, kwaadheid, eigen rechter willen spelen enz. Daarom éérst voorschriften voor de mannen.

En dán komt vers 9, over de houding van de vrouwen. De apostel wijst aan wat de passende houding is voor de vrouwen als de gemeente van Christus in vergadering bij elkaar komt.

De passende houding van de vrouw, die bij haar Verlosser Jezus Christus hoort.

Het bijzondere is dat de apostel in vers 11 en volgende, de plaats van de vrouw in de kerk zet in het licht van de Moederbelofte. Het gaat hier over de samenkomsten van de gemeente.

En ja, inderdaad, de apostel wijst de vrouwen erop dat zij zich in alle rust moeten laten onderwijzen. Deelnemen in een onderwijsleersituatie, dat was in de wereld van die dagen bepaald niet gebruikelijk. Vrouwen waren in die cultuur minder in tel dan de mannen.

Maar, in de gemeente van Christus mag dat juist niet zo zijn! Daar zal de vrouw haar van God gegeven plaats juist met ere innemen! De genade van God is voor vrouwen niet anders dan voor mannen! Maar, gelijkheid in het ontvangen van de genade van Christus (Galaten 3:28) betekent nog niet dat mannen en vrouwen gelijk zijn. De HERE Zelf heeft onderscheid gemaakt.

Onderscheid

Een gevolg van het onderscheid in taak en positie is ook dat aan vrouwen niet toegestaan wordt te léren in de gemeente van Christus.

De verzen 11 en 12 blíjven een duidelijk antwoord geven op de vraag waarom er in de kerk van Christus, de eeuwen door, geen vrouwelijke ambtsdragers zijn.

We lezen in het Nieuwe Testamant dat vrouwen ook profetessen kunnen zijn.

En ook in het ontvangen van de andere gaven van de Geest doen vrouwen niet onder voor de mannen. De geloofskennis van vrouwen kan wel groter zijn dan die van mannen, haar werken van dankbaarheid kunnen wel méér zijn dan die van mannen.

Maar, hier bepaalt de HERE iets over de houding, de eervolle houding, van de vrouw in de eredienst, in de samenkomst van de gemeente.

En waarom is dat nu? Waarom dat verschil in positie? De apostel verwijst daarvoor naar het begin van de Bijbel. Hij grijpt terug op de hoofdstukken 2 en 3 van het boek Genesis. Hij zegt: Adam is eerst geformeerd en daarna Eva. Eva volgde op Adam. Zo was Gods orde. Gods volgorde bij de schepping.

En die scheppingsorde heeft nu nog gevolgen. (Je ziet hier ook, wat er gebeurt als theologen vandaag Genesis 1, 2 en 3 niet meer letterlijk nemen en als historisch betrouwbaar!)

Het tweede argument dat de apostel Paulus noemt, is dat wat er gebeurd is bij de zondeval.

Vers 14:

'Adam heeft zich niet laten verleiden, maar de vrouw is door verleiding in zonde gevallen'.

De volgorde bij de schepping én wat er gebeurde bij de zondeval, díe twee noemt Paulus in één adem. Als je de geschiedenis van de schepping opslaat, dan lees je echt niet dat de vrouw geschapen is als een tweederangs wezen. Geen spráke van! De HERE heeft man en vrouw geschapen als beide volkomen gelijkwaardig. Maar wél elk met een eigen ambt. Elk op een eigen plaats!

Rijk!

Het is jammer dat door moderne Bijbeluitleggers het verschil in positie tussen man en vrouw in een negatief licht wordt gezet. De apostel Paulus zet deze juist in een heel positief licht, namelijk het licht van de Moederbelofte! Zowel man als vrouw ondervinden de strafgevolgen van de zonde (Gen. 3:16). Negativiteit, ook in de gezagsverhoudingen. In het licht van de moederbelofte, zie je hoe de HERE herstel geeft. Dat ook de vrouw, ondanks de zonde, geroepen wordt om weer haar plaats in te nemen. In dát licht spreekt Paulus hier over de eigen plaats van man en vrouw. Juist in de kerk, waar de HERE wil zijn met het evangelie van de verlossing, daar ga je weer zien dat er alle reden is om met vreugde vrouw te zijn!

Als je vers 1 Tim. 2:15 leest, dan proef je wat voor groot verschil er is met de moderne gelijkheidsidealen. Economische zelfstandigheid! Een gelijk quotum, als het gaat om invloedrijke maatschappelijke en politieke posities. Bevrijding van het juk van het onrecht dat vrouwen de eeuwen door is aangedaan.

Maar, de bevrijding waar het in 1 Tim. 2 over gaat, is onnoemelijk veel rijker. Bevrijding voor eeuwig! Behouden worden! De genade van God, die voor vrouwen net zo rijk is als voor mannen. Maar die genade wordt ontvangen door te blijven in de roeping, die God ons heeft gegeven. Ook hier spreekt de apostel Paulus duidelijk tegen de achtergrond van Genesis 3.

1 Tim. 2:15 grijpt direct terug op de Moederbelofte. Zeker, de zwangerschappen zullen moeilijk worden, maar er zal nageslacht komen! Er is voor de vrouw een machtige belofte: de belofte van het Vrouwenzaad. Zij zal 'Nageslacht' krijgen dat ééns de macht van de duivel zal vernietigen. De Moederbelofte is immers de belofte dat eens de Messias komt. Christus is hét Kind van de vrouw. Het grote Vrouwenzaad. Jezus Christus zal ook voor Eva de vaste Rots zijn van het eeuwige behoud!

Paulus spreekt in 1 Tim. 2:15 in het enkelvoud. Zij, de vrouw, dat gaat feitelijk nog over Eva. In het ter wereld brengen van kinderen ligt een hoge roeping voor haar. Zó zou de Redder, de grote Bevrijder ter wereld komen. In een lange adventsweg van eeuwen, van geslacht tot geslacht, is de HERE uitgekomen bij de vervulling van de Moederbelofte. Christus kwam, door Wie ook Eva behouden moest worden.

Nog steeds

De apostel Paulus trekt die lijn nu ook dóór. Vrouwen nemen nog steeds een grote plaats in, op de weg naar volkomen vervulling van de Moederbelofte. Ook in de moderne Westerse cultuur van de 21e eeuw. Wat zijn er sinds Pinksteren al veel kinderen geboren in een christelijk gezin.

En hoe talloos veel kinderen zijn er al aan de hand van móeder tot de Here Jezus gebracht. Geleid op de weg van het geloof! Wat spelen moeders een grote rol, als het gaat om ons eeuwig behoud! Langs de weg van het moederschap komen in de kerk veel mensen ter wereld. Maar óók tot het behoud! Daarom is het moederschap ook een zegen.

Nee, het moederschap is niet álles! Lang niet alle meisjes en vrouwen in de kerk worden tot het moederschap geroepen. Er zijn ook andere gaven, waarmee op een andere manier de HERE gediend wordt. Maar, dat neemt niet weg, dat het moederschap een hoge roeping is, als de HERE dat geeft. Ook in een wereld waarin vrouwen haast gedwongen de arbeidsmarkt worden opgestuurd. De apostel zegt niet dat het moederschap een verdienste is, waardoor je als vrouw behouden moet worden. Hij benadrukt het blijven in geloof, in liefde en in heiliging. In een (kerkelijke) wereld waar mensen vooral strijd voeren voor gelijke rechten voor mannen en vrouwen, gaat de HERE nog steeds verder met Zijn werk van bevrijding.

Hij handhaaft Zijn Woord, ook al bedenken mensen slimme plannen om dat Woord te ondermijnen, naar eigen believen.